Het tooneel

195932 0
close

Warum möchten Sie diesen Inhalt melden?

Bemerkungen

senden
s.n. 1916, 13 Mai. Het tooneel. Konsultiert 16 Juli 2019, https://hetarchief.be/de/pid/j09w08xd25/
Text zeigen

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software

10 Centiem HET TOONEEL l,te Jaargang. Nr 26 Beheer ert Redactie : VIeminckxstraat, 15, Antwerpen Annoncenbureel open aile werkdagen van 9 tôt 1 en van 3 tôt 5 uur (Torenuur) 13 Mei 1916 Aan onze Lezers Met dit nummer nemen vvij afscheid van onze lezers. Niet voor goed, tijdelijk maar, totdat het tooneelseizoen weer opnieuw begint. Het blijkt nu eenmaal dat de zonnige dagen hier te Antwerpen onover-winnelijke concurrenten zijn zoowel voor de theatçrs als voor de tooneelbladen zelve. Wij hebben echter de innigste overtuiging dat ons tooneel- en kunst-minnend publiek ons met het aanstaande seizoen andermaal zijnen besten en zoo zeer gewaardeerden steun zal verleenen. HET TOONEEL Heer FRANS CONDÈS Oud-leerling der declamatieklas onzer Mu-ziekschool (Prof. J. Van den Branden). Trad op in verscheidene tooneelkringen der stad, waar hij den gunstigsten indruk naliet, o. a. in de Rederijkkamer «De Violier», de «Jan van Beerskring», «Yver en Broedermin», alsook in, de Koninklijke Maatschappij «De Vrije kunst», waar hij gedurende 10 jaren het tooneelbestuur waarnam. Van 't begin der tooneelwerking in den Pa lalinatschouwburg, wist heer Condès de gunst van het publiek te verwerven; hij speelde, met veel succès, de hoofdrollen in: «Zonder Liefde geen~ Leven, Fortunids lied, Willem in Peer de Koster; Dolf in Rabio-Artisten; Baron Gaston van Ledeghem in De Bommelbaron; kapi-tein 'Christiaan Scheltema in De Brave Hen-drik.Verleden Zaterdag trad heer Condès op als Gontran de Solanges in De Musketiérs in '/ Klooster, en bekwam, zooals naar gewoonte, heel veel succes.Door studie heeft hij zijn aan-geboren talent weten te ontwikkelen en wij mogen dus gerust verklaren dat heer Condès een onzer beste en ernstigste Antwerpsche too-neelartisten is. Virginie Loveling Op 17 Mei treedt deze begaafde vrouw in haar tachtigste jaar... Een heel lèven van opafgebroken werk-zaamheid ligt achter haar en — zoo hopen wij •— nog talrijk zullen de komende jaren zijn, opdat zij haar volk nog menig boek zou kun-nen schenken: vruchten van rijpe, bezonken levenswijsheid, die den dichter verheft boven het vergankelijke der kleine dagelijksche din-gen en hem het vermogen schenkt het eeuwige in het menschelijke te doorgronden. En Virginie Loveling, die ons in 1912 nog het «Re-volverschot» schonk, draagt de kracht daar-toe in zich. Het heugt ons nog hoe we met Virginia Loveling's werk kennis maakten... 't Ligt al heel ver in het verleden... In een oud lees-boek was een deel uit de novelle: «De Ver-dwaalden» door den samensteller opgenomen geworden. En toen we dat stuk gelezen had-den gingen twee bijzonderheden niet meer uit ons geheugen: de gore keuken van den brou-wer «waar de tafel gedekt stond met een blauw gedamd ammelaken,waaraan de visch-graten van vroegere maaltijden gedroogd wa-ren...» en dan dit eene eenvoudige zinnetje: ... «En Boudewijn keerde alleen en droo-mend terug door het groene boschje... Thans, nu we minder in ons gevoel betrou-wen en onze geestdrift bewuster en vaak bere-deneerder is geworden, meenen we in die twee kleinigheden als de samenvatting te .zien van de vele hoedanigheden, welke Virginie Loveling's werk kenschetsen; we zouden haast durven beweren, dat ze ons de mogelijkheid bieden in luttéle woorden de kern van haar machtig talent te omschrijven. In Virginie Loveling's boeken is er evenwicht tusschen wer-kelijkheid en droom. Zij schetst met vlugge, vaste trekken, naar de natuur hetgeen ze in de realiteit gezien heeft. Toch komt het ro-mantische, dat ondanks ailes haar levenstijd kenmerkte, tôt zijn recht zonder daarom de weergave der werkelijkheid te overwoekeren. Daardoor komt het wellicht dat haar werk, wortelend in een vorige periode onzer littera-tuur, toch in menig boek modem voorkomt, wanneer men de voortbrengselen der uiterste stroomingen in de hedendaagsche letterbewe-ging van Groot-Nederland niet als vergelij-kingsbakens neemt. Toen Arthur Cornette Sr de Novellen der gezusters Loveling in het Volksbelang be-sprak zei hij het volgende: «De Novellen, die wij hier bespreken, zijn dus, naar onze mee-ning, waar en natuurlijk, maar niet realis-tisch.» Dit is een omschrijving van de kunst der beide schrijfsters, welke ook nu nog voor het werk, dat Virginie alleen schreef, kan gel-den. Heel juist lijkt ons ook wat dezelfde fijn-zinnige en geleerde criticus schreef vooraleer hij tôt hooger aangehaald besluit kwam... «Wij ontmoeten er (in de novellen), wel is waar, het realisme in,namelijk in de beschrîj-vingen van plaatsen en menschen, in het af-schilderen der levenswijze en handelingen der personnages, maar er is tevens iets subjectiefs bij; de schrijfsters hebben zich als instinct-matig teruggetrokken voor ailes wat laag is, en met een echt vrouwelTjke voorliefde, reine, zachte en ietwat droomerige figuren behan-deld...»*** Samen met haar twee jaar oudere zuster Rosalie, die reeds in 1875 stierf, trad Virginie Loveling op met eenvoudige gedichten waar-van de onderwerpen ontleend waren aan het leven, dat ze elken dag om hen heen zijn gewonen gang zagen gaan in de vredigheid der stille dorpsomgeving, waar ze geboren waren en hun jeugd sleten, waar ze elken mensch kenden... De gevoelige Dodd, wiens kunst sterke overeenkomst toont met die van het zusterpaar, dichtte hen ter eere: «In Vlaandrens kleine dichtergaard Twee nachtegaaltjes, zacht van aard, Neurien minlijk, onverdroten, Zoo menig lied den harte ontvloten». We zouden lang kunnen uitwijden over de schoonheid, vooral de eigenaardigheid der lieve verzen, waartusschen vele nooit uit ons geheugen zullen gaan... Want al hebben de tachtigers en na-tachtigers wellicht hooger schoonheid weten te vertolken, toch mogen we daarom niet van uit de hoogte neerzien op den reinen eenvoud der simpele pareltjes ons door Rosalie en Virginie Loveling ge-schonken. Men sta me toe een wellicht niet zeer frissche, noch oorspronkelijke, doch klare vergelijking te maken... De wondere, bedwel-mende en soms kunstmatige heerlijkheid eener orchidee mag ons de ingetogen doch werkelijke schoonheid van het nederig veld-bloemeken niet doen versmaden...» Toen Rosalie stierf in 1875 brak voor de eenzaam gebleven zuster een droeve tijd aan... Van hun kinderjaren af waren de twee meis-jes onafscheidbaar... Steeds gingen ze samen op wandel en de menschen waren het zoo ge-woon hen bijeen te zien, dat ze, wanneer ze Virginie tijdens de ziekte harer zuster alleen ontmoetten, plachten te groeten... uit louter onafwenbare gewoonte: «Dag, juffrouwen»... We bezochten voor jaren het graf van Rosalie Loveling te Sint Amandsberg bij Gent, op den heuvel waar zooveel groote Vlamingen rus-ten... We vonden een blauwen zerk, waarop de naam der dichteres gebeiteld was... de steen was gescheurd en gebroken... En toch is Rosalie Loveling niet vergeten. *** Virginie werkte voort, onvermoeid onze let-teren verrijkend met romans en vertellingen. ."vTa nog een bundel novellen, waar in verhalen liarer overleden zuster vodrkwarnem te hebben in 't licht gezonden, durfde de begaafde cchrijfster werk van hooger vlucht- en groo-tàren opzet aan. Ze schreef Sophie, een poli-t|ek roman, een boek dat handelt over de in-raenging van den pastoor in het leven zijner yarochlanen, over den harden, onbarmharti-gen schoolstrijd op het dorp... een boek, waar-ù) ailes waar is... misschien nog wel beneden dp waarheid. Toen volgden: «Idonia», en een •.Dure Eed». Met dezen laatsten roman ver-' vierf zij den vijfjaarlijkschen prijs voor Ne-derlandsche Letterkunde. Sterk is de psycho-logische uitbeelding van Reine, de vondelinge, die aan haar ganefde voor zijn vertrek naar Fra • *• ik, waa 'îij als- achterb ;jvei der ! •-ting herkend en bij 't leger ingeiijid wordt, eeuwige liefde beloofd heeft. De jonge sterft... Reine zal haar eed niet breken... Ze worstelt... Tôt de stem der natuur te machtig wordt en se ten slotte in het huwelijk met den broer iran haar eersten verloofde, rust en geluk iindt... Algemeen wordt «Een Dure Eed» voor Virginie Loveling's beste boek gehouden, al zou à et teenemaal ongepast wezen aan haar vol-jende bundels minder waarde toe te kennen. \Ta «Een Idylle», «Mijnheer Connehaye», «De Bruid des Heeren», «Het Land der Verbeel-ling» en «Madeleine» schonk zij ons nog in 1904 «De Twistappel», een der sterkste boeken, die ze schreef. Het is een zielkundig roman, waarin een strijd van gedachten laait zonder |igenlijk tôt oplossing te komen... Dit boek ontleden is ons hier onmogelijk, zou ons te Ver voeren voor een artikel in een weekblad... De twistappel — een symbolische titel — is het ongelukkig kind, dat door het ontbreken van één bepaalde richtingslijn in zijn opvoe-ding ten onder gaat... De schrijfpter zet ons vôor het groote,brandende,al meer en meer op dên voorgrond van ons bestaan tredend vraag-stuk... Hoe moet het kind van een vrijdenker en een geloovige opgevoed worden? Virginie Loveling met haar helderen geest ontleedt het problema, besluit echter niet. Dit was klaar-blijkelijk in geenen deele haar doel. Zij toont de verwoestingen aangericht door dit gebrek aan eenheid, meer niet. Ze bleef objectief, in-ziende hoe in de werkelijkheid hetzelfde con-flict nooit of zelden tôt bevredigende oplossin-gen leidt, eerder tôt vérnietiging van aile geluk voert. , Weer worden we voor een aangrijpend vraagstuk geplaatst in «Erfelijk belast». Na dit mooie boek liet ze nog verschijnen: «Het Lot der Kinderen», «De groote Maneuvers», «Jonggesellenlevens» en «Het Revolverschot». Met haar neef Cyriel Buysse, onzen grootsten Vlaamschen auteur, die bij 't begin zijner loopbaan steeds zijn werken aan de goedkeu-ring zijner tante onderwierp, schreef deze begaafde vrouw het boek Levensleer, dat in Groot-Nederland verscheen onder den pseudo- niem Louis Bonheyden en een welgelukte satyre op het Gentscbe burgerleven bleek. Bij Buysse vinden we sommige der hoedanigheden van Virginie Loveling terug, doch scherper uitgesproken, bepaalder afgeteekend. Buysse jtaat wellicht onafhankelijker tegen-over het leven, laat er zich minder door mee-sleepen, kijkt er op neer, overspint het met de draden van zijn gullen, doch gevoelvollen humor. Virginie Loveling, wien men wel eens — ten onrechte wellicht —' verweet dat haar geest het gevoel beheerschte, laat zich meer door haar aandoeningen meesleepen, zonder daarom haar objectiviteit volkomen prijs te geven, ook al voelen we bijwijlen duidelijk waarheen haar sympathiën gaan. Kan ten slotte een schrijver dit geheel en al vermijden, zijn eigen wezen en temperament heelemaal verlooehenen? Er zou daar wellicht een pro-en contrabrochure over vol te pennen zijn,iets waarvoor we in dezen tijd van anti- en pro al heel weinig voelen. Op 28 April 1912 bracht Vlaanderen hulde aan zijn grootste schrijfster. Een grootsche be-tooging vereende te Gent al haar dankbare bewonderaars. Nu ze haar tachtigsten geboor-tedag herdenken zal en de naar echt-Vlaam-schen trant luidruchtige huldêbewijzen ach-terwege moeten blijven, kunnefi de vele dui-zenden in den lande haar slechts gedenken door eéTi harer talrijke boeken met vrome aan-dacKt te verlezen en opnieuw te smaken het veredelend genot, dat zij zoo mild ons biedt. Dit bescheiden artikel weze een stille hulde in naam van velen gebracht aan Virginie Loveling door HET TOONEEL. IJdeie Beschouwingen De zon schijnt, het brood smaakt tegenwoor-dig lekker en de menschen weven ijdele be-schouwingen in de droomerige broosheid van de lichtende lente. Wat is tijd? Nu de menschen zich bezig hou-den met 't ontspinnen van uurverwarring,heb ik een eenvoudige van geest doen ontstellen door te beweren dat de bepaling van tijd, van seconde tôt eeuw, slechts iets conventionneels is!... Hij was zoo opgevoed in het geloof aan uur en jaar. Een ander man, door het toeval op mijn weg geplaatst, heb ik ontstemd door de liefdadig-heid onzedelijk te heeten. Liefdadigheid moet plaats maken voor menschelijke solidaHteit en elkeen, behalve kinderen en ouderlingen moeten arbeid leveren voor hun onderhoud. En te-genover kinderen en ouderlingen pleegt men geen. liefdadigheid maar tegenover hen staat plicht. Een Franschgezinde dame heb ik ontsticht toen zij ons volk gémis aan zedelijk inzicht verweet. Ik zei haar dat de verfransfching ons volk zedelijk heeft ondermijnd en doen ont-aarden; zij besloot met de bedreiging: Wacht tôt later! Stof genoeg voor ijdele beschouwingen. Maar ik bezocht een bekend boekenverkooper die tevens verliefd is op het Vlaamsche volk in zijn leven en' zijn handelen. Tusschen zijn verzameling boeken en volksprenten lag een almanak gedrukt tôt Loven en te koep te Brus-sel bij P. G. De Haes op de Kieke-Merkt. De wijze man wees mij een liedje dat voorkomt in dezen Nieuzven dobbelen zang- en his-torisch Almanak voor V jaer ons Heeren Jesu-Christi 1810. Het leek een ijdele beschouwing! De titel luidt : Beklag der vloyen. luyzen. mieren. wespen, etc. Liedeken' 'van de Quezels Vloeyen, ende het beklag der zelve Quezels over het groote ende pynelyk jçuksel der zelve Vloeyen, waer mede zy zoo schrikkelijk ge-kwelt worden Van de vijftien strophen volgt hier het be- 1 gin: Wel zal dat nog langer dueren , Dat gekrevel en gebeyt, Zal ik dat nog lang bezueren, Deezen fellen vloeyen strijd, 't Js bij naer om dol te zyn, Van het'jeukzel ende pyn; d' Een die krabbelt d'ander krevelt, d'Een die futzelt d'ander vrevelt, d'Een die byt, en d'ander scheyt, Heer, waer ik myn vloeyen quyt. Hoe en word ik niet'geprikkelt, Hoe en word ik niet gebrilt, Aen mijn heupen en gepikkelt, Aen myn knien en gebilt; 't Jeukt my heel het lichaam door, 't Jeukt mij agter, 't jeukt my voor, Op myn schenen, op tnyn diên, Op myn rug tôt aen mijn kniên, Het jeukt my hier, 't jeukt my daer, 't Jeukt my nog, ik weet niet waer.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dieses Dokument ist eine Ausgabe mit dem Titel Het tooneel gehört zu der Kategorie Culturele bladen, veröffentlicht in Antwerpen von 1915 bis 1940.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Zufügen an Sammlung