De legerbode

605 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1917, 16 Août. De legerbode. Accès à 22 mai 2019, à https://hetarchief.be/fr/pid/445h98zw8m/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

DE LEGERBODE den Dmsdag, Donderdag en Zaterdag verschijnende t Dit blad is VOOR DE BELGISCHE SOLDATEN bestemd ; iedere compagnie, escadron of batterij ontvangt tien of vjjftien Fransche en Nederlandsche exemplaren. HBT LBVEN OP HET BELGISCH FRONT Eus fiasMelijife Verbenniog Uit het offîcicel iegerbei-icht van... Juli 1017 :•« Ten Zuiden van D., jiaehlelijke bedrijvigheid van patroeljes. » Het berichtje kwam zoo juist toe : Opdracht roor dezen caelit : « Het terreiu vôpr onze linie verkeniien. t — Jaiumer ! zegde adjudant D... aan wien deze opdracht le beurt viel ; zoo heb ik zelfs niet de ■ kans om eenige Moffen te kunnen meebrengen. Hetis inderdaad een topografische verkenuing, die men verlangt dat hij uitvoeren zal, en dat in den donkeren nacht, op een terrein dat door de laatste hitte wel wat drooger is geworden, maar waar hier en daar verraderlijke plassen onder boscbjesriet verscholen blijven, en waar soms een onverwachte sloot, met steeds wisselende oevers, onder den voet opduikt. De vijand ligt steeds op de Ioei\ Nog korteling opgedane ervaringen, waar meer dan een Mof zijn leelijken pen§ bij verloor, hebben hem ge-leerd de bedrijvigheid van de Belgen te mistrou-I wen. En het kanongedonder, dat steeds over deze vlakten r.oît, soms zachter en nu weer I luider, raaakt hem ongerust. Zoo wat overal, vôôr ziju liniën, in het nie-I mandsland. vroeger door de overstroomingen I veroorzaakt, heeft de vijand talrijke posten ge-I laaid. Wij kennen ze bijna allen, doch daar zijn I er die de Moffen slechts tijdelijk bezetten, en de I heggeu, de struiken en zelfs het hooge gras zijn I teu zeerste yoor allei-lei hinderlagen geschikt. I Bij b.t m in s te gerucht, bij het minste rumoer I rijzeu schitterende vuurpijlen in de luekt en be-I ginnen geweren en macliiuegeweren te knette-I ren. Het is van het grootste belang dat \yjj deze I neutrale zone grondig zouden kennen. Daartoe I ïijn er allerlei tochten noodig, die niet van ge-I vaar ontbloot zijn en tijdens dewelke er dikwijls I ?«''aarlijke ontinoctingen plaats grijpen, vinnige ■ gevechten met de handgranaat, en soms nog ho- ■ merische worstelingen, man tegen man. Het ■ steeds bescheiden Belgisch legerbericht zwijgt I warover meestentijds. * * # I Het tophtje van dezen nacht is bijzonder ge-I ^aarlijk. want in het terrein dat moet onder-I ïocht worden bestaan er talrijke vijandelijke I posten, die men niet aanvallen, doch wier waak-I 2aamûeid men verschalken moet. I Adjudant D. — een reus, nog piepjong, maar I ïnet krachtvollen blik in een rozig kindergezicht I >TTzou ïievçr een van die posten gaan inné men... I Is er een uit de Ardennen, dapper en taai j kalm I Vin avonturen belust. I __ )e'ieade i Sioes» van de compagnie — meer aren er niet noodig— hebben zich aangeboden | oor zoo n tochtje waarvan zij de gewoonte heb-en en waarin zij hun Indianenlisten vrijen teu-* kunnen laten vieren. Bij hen is er ooli een KnD?fU Van j^oorden, een onvermoeibare potter, en een Ketje, een van de echte soort, «vandeg^en die, in onze bezette hoofdstad, «M,,', v?iVan^allieu^ausen nog kunnen doea ocnuin^bekkea van woede. * T . * * Ivc'6? UU1'- s avon^s. De maan, in haar eerste I di.. |lei'' Z1' verb°i'gen achter donkere wolken Ton aa" aan den hemel voorbij schuiven. Eén I tofj 6eu sPr^nSen de verkenners over de borst-Vjn- onzeri vooruitgeschoven post. Eén I rien a^en ^un grauwe gestalten weg in trn k î en *n onbekende. De patroelje volgt îp»/)'.? ,Taai t' heeft zijn troepje georgani-een n korporaalendrie man aïs voorwacht; link-s °.rPoraa^ en d,'ie man op de rechterflank ; 'catrr,M- e,vreezen'wantdaar is eenandere var, , - Je wei'kzaam. D. marscheert met de rest an 2|]iie groep. inlen !]S z<?° zwart als een gefecht van negers L. Ak, er,en nacht' ze?t onze Noorderling. er àan tofeQ 7 ' aa?,he^ei}> voegt het Ketje ' çver lvL fl~" ,ZwiJSen ! legt de korporaal op, die deze flankwa.cht het bevel voet-t, I En dat is een wijzen raad, want de vijandelijke posten zijn niet ver van hier. Zwijgend nu, gaat het kleine troepje langzaam voynvaarts, sluipt met veel voorzorgen door het riet en het hooge gras. Hait!... wij nioeten een vaart over. Adjudant D. schrijt't al de bij— zonderheden in zijn notaboekje op : Breedte 4 meter ; diepte 1 meter; bodem, diehte modder ; vaste oevers. Ivijk ! er is een voetbrug !... De Moflen hebben hier dus 00k gewandeld, vermits het bestaan van dat ding.niet belcend was. De patroelje heei't zich opnieuw op marsch gezet. Geen gerucht langs 's vijand 's kant, ten-zij het rollen van een « Decauville » en van tijd tôt tijd het « ka... poet » van een schot. Plots, ginder ver, op den linkerkant, op nauwelijks 300 meter afstand, knettert geweer-vuur, ontploflen granaten, een machinegeweer begint met koortsige haast te ratelen. Ter zelfder tijd, zoo wat overal en îuen weet niet van waar, schieten Duitsche vuurpijlen naar den Jiemel. Onze patroeijeurs hebben zich allen plat op den grond neergelegd. — Potverdekke ! vloekt onze Noorderling weer. — Hàwd à sinoel ! antwoordt het Ketje ! — Sst ! vermaant de korporaal weer, terwijl de adjudant denkt : — Spijtig ! onze verkenners aan den linkerkant zijn ontdekt en nu gaan de Moffen natuurlijk achterdocht krijgen. Als de herrie ten einde is, zet het troepje zijn tocht voort. Een van de mannen versukkelt in een waterplas en komt er uit te voorschijn met ooren en oogen vol modderig groen. Hij schudt zich uit lijk een poedel en gromt alleen maar van a Groenselsoep ». 't Is een cgid hotelmeester van een Luiker spijshuis. Nu geen gras meer, geen riet ; 't is de effen vlakte. Daar vôôr hein, op misschien nog geen 40 meters, heeft de eerste van het graepje, een sombere vlek boven den grond gezien. 't Is een Mof ! Wij zien de païen van het prikkeldraad dat hem beschermt. Met ingehouden adem, krui-pen de verkenners één voor één vôôr de vijandelijke loerders heen ! Als ze nu maar geen vuurpijlen afschieten ! Oei ! we zijn gered. De Moffen hebben niets gezien. Onze Sioes staan weer recht om hun avontuurlijken tocht voort te zetten. Geen gras ditinaal, doch tallooze distels. — De Moffen zullen hier goed den kost vinden, nu bij hen thuis Schraalhans keukenmeester is, zegt de onverbeterlijke babbelaar uit het Noor-den.— Kunt ge dan geen minuut zwijgen, vloekt eindelijk de korporaal. Ditinaal komt de flankwacht op twintig stap. pen van een heg vôôr een breede sloot vol water. De plaats staat als gevaarlijk bekend, want ze wordt dikwijls door den vijand bezoeht. Ook verdubbelen onae Sioes hunne voorzorgen. Wat verbergen die struiken; wat loert er achter die heg? Plots hoort men het geluid van een lichaam dat uit een boom neerbuitelt, terwijl een schorre stem schreeuwt : « Wer da? Gui fa la? » Voor aile antwoord slingeren onze Sioes hun granaten. Maar een machinegeweer begint te knetteren en een van de onzen, den pois door een kogel verbrijzeld, laat zijn granaat vallen die hem aan de beenen wondt. De vijandelijke vuurpijlen volgen op elkan-der; een prachtig vuurvverk verlicht den hemel. Een tweede machinegeweer, dat van den Eostdienwe daar juist zijn voorbij getrokken, egint nu ook te knapperen en vuurt de Belgen in den rug, 't Is een hachelijk oogenblik : Zij zijn ontdekt ; maar waar is de vijand?... Onze veikenners liggen plat neer te midden van de distels, de hand vast op het geweer geklemd, gereed om met gevelde bajouet vooruit te sprin-gen. Maar de Moffen wagen zich niet uit hun loopgraaf en vergenoegen zich met overvloedig granaten te werpen, die overigens niemand tref-fen.De gewonde echter, zonder een klacht te laten hooren, heeft zich verwijderd, voortstrompe-lend zoo goed en kwaad als het gaat. Een mak-ker vergezelt hem en steunt den wapenbroeder ; hij tracht den terugweg te herkennen bij het licht van de vuurpijlen die uit onze lijnen op-gaan. Eindelijk! hier is onze postJ =» Hait, roegt eene stem. Op het Fransch front, ten Z. van Ailles, hebben de Duilschers tôt tweemaal toe beproefd da hun onlangs ontnomen loopgraven opnieuw te bemachtigen ; zij werden telkens met verliezen afgeslagen en onze bondgenooten maakten zelfs merkbare vorderingen ten O. der stelling. Vijandelijke aansiagen leden schipbreuk aan het bosch vafi Caurièrcs en te Bezonvaux. Op het Itaîiaansch front, tamelijk vinnige schermutselingen tusschen verkenningstroepea» OORLOGSFEITEN De Luchtoorlog. — Op Iiet Britsch front werden 9 Duitsche vliegtuigen neergeschoten en 8 stuurlooa naar beaeden gejaagd. Zeven Britsche vliegtuigen worden vermist. — De Duitsche rit op de Britsche kust wasgericht op Southend en Margate. Te Southend werden 40 bommen gegooid ; 23 personen werden gedood en 50 gekwetst ; te Margate kwamen 4 bommen te recht, die geene slachtolïers rnaakten. Twee vijandelijke toestellen werden bij hunnen terugkeer vernield. — Belgen ! Een gewonde ! — Wachtwoord ? — Charleroi ! — Langs hier. Onze dapperen zijn gered. $ De andere zijn nog steeds ginder verre, bîj da beangstigende liaag. « Niets te doen j, zegt adjudant D... «er blijft ons mets anders over dan tracliten terugte keeren. » Daar de Moffen niets meer hooren of zien, hebben zij opgehouden met vuren. Ailes is weer kalm geworden, schijnbaar ten minste ; want wie weet of de vijand niet een sterke tegenpatroelje uitgezonden heeft? Zachtjes voortkruipend, man voor man, ont-snapt het troepje en bereikt weldra een strook met hoog gras, dat onze Sioes toelaat zich weer op te richten. Even staan blijven om adem te scheppen. Weer op marsch dan. Nieuwe halte, ditmaal achter eene vaart. Adjudant D. telt zijn mannen. Vijf ontbreken. Waar is de voorhoede? Bliksems... die is ginder gebleven. Gaan wij de makkers aan de genade van den vijand over-laten ? Vlug deelt D. aan zij ne mannen het voorval , mede ; richt zijn troep weer in, en men vertrekt naar het onbekende, naar het gevaar. — Allee, wie gaat er mee? vraagt de Noorder- — Allemaal, antwoordt het Ketje. Een half uur later keerde gansch de patroelje in onze liniën terug. Onze dapperen waren uitgeput, hun kleederen doornat, handen en ge-laat vol modder. Zij zouden een welverdiende rust genieten. Maar de soldaat, die zijn gewonden maltker naar onze post had terug gebrâcht, wilde daar niet van hooren. — Het geweer van B. en het mijne, zijn ginder nog bij die heg gebleven ; wij kunnen het toch niet in de handen van die sm... laten. — Dat gaat ! zegde de Noorderling ; wij gaan de geweren halen ! — Dat is gelijk met den bloktrein : Gaan ea keeren, legde het Ketje uit. En zonder aarzelen, zetten al onze Sioes zich opnieuw op weg. Eens te meer den vermoeien-den en gevaarlijkeu marsch naar de beruchte, de geheimzinnige haag. En, juist zooals den eersten keer schiet de vijand, die nu op zijn hoede is en nog scherper loert, vuurpijlen en granaten af, en doet zijn kogels over het terrein fluiteu. Doch hij vuurt op goed geluk af.Niemand is getroffen en tegen het krieken van den dag bracht adjudant D. zijn dapper troepje volledig terug, mannen en wapens, want men had de verloren geweren weergevonden. « Men heeft goed zeggen s, besloot de Noorderling, toen hij slapen ging, « 't is een spel om gedood te wordea. » . Commandaat Flamshg, DE TOESTAND ALGEMEEN OVERZICHT 18 A11 gri stns 1 P11 ÎSJ'n -m m401 ■ TiMIB t'if ' nmiMr/r,>,iWWnni^Tnf~n»,l -iar>Kin»i tiuti-ithiitmit i» nu ri m im f mr«i -n ■■rn im i.immmTM» ■ iiii-imiii 111 n i— n n»i i— ~ — ■-naanain n mm. - la ni «kl

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre De legerbode appartenant à la catégorie Oorlogspers, parue à Antwerpen du 1914 au 1940.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Sujets

Périodes