De Vlaamsche stem: algemeen Belgisch dagblad

313 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1915, 28 Juillet. De Vlaamsche stem: algemeen Belgisch dagblad. Accès à 18 avril 2019, à https://hetarchief.be/fr/pid/kd1qf8kp2j/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

.^ai^iarag J*o. 173,^ woensaag, 28 vfOii 1913 S Cent DE VLAAMSCHE STEM rpn yolk zal niet vergaanf &LGEMEEN BELGISCH DââRLâD Eentfracht maakt mac ht 1—H— REDACTIE- EN ADHIimSTRATlEBUREELEH : KALVERSTRAAT 64, bovenhuis, AMSTERDAM. Tolsfoon No. 9922 Noord. Hoofdo patelle r : Mr. ALBERIK DESWARTE. t istelraad: CYRIEL BUYSSE — RENÉ DE CLERCQ - Dr. A. JACOB — ANDRE DE RIDDER. ABONNEMENT&P.RIJS (by vooruitbetaling): Voor Nederland per jaar gld. 6.50 - per kwartaal gld. 1.75 — per maand gld. 0.75. Voor België, Engeiaùd, Frankrijk ;n anqere landen dezelfde prjjzen, met verhooging van verzendingskosten (2V4 cent )er numraer), A DVERTENTIES : 20 Cent per regel. lin verschilnt Je Vlaamsche Stem ,,op nier blidzijden. :■ :• :• |i si il don Boris). VIII. Willem II en do Oorlog. Jet zal zeker geen denkend mensch nu «tinden geest komen, de cnnoodige vraag L'italien vie eigenlijk de oorzaak geweest lut dep wereldoorlog, waarvan de helsche rofîtinsen zicil al meer en meer uit" Ld«n. De afkesr der gausche beschaafde ..r?(l voor Duitschland en de Duitsche uit-u jinosmethoden tcont genoegzaam aan, te niemand zicli nog bedriegt over de oor-^en van den thans woedenden geesel — ■ ronoraen zij die hoorendo doof en ziende fând zijn. Het treurspel van Serajevo, t onkel dâârom zoovoel opschudding vérité, omdafc het aanleiding gaf tôt de t-jerfc maanden en maanden voortdurende c^moorderij en r echtsverkr ach ting,• ware opïich zelven niet voldoende geweest om £uropa in vuur en vlam te brengen: de Ijvloed van den Duitschèn keizer schijnt un de wreede ontknooping niet vreemd. "pe alfemeene belangstelling is dau ook t»n zcerste opgewekt geworden door de icw-cîtche uitgave van het dagboek van Îrsîf Axel von Schwering, sinds zij ne kin-■Vrjaren boezemvriend van ,keizer Willem H van Duitschland, dagboek. dat thans ook Il 't Franscli versclienen is in de uitgaven «n Hachette en Cie te Parijs,. onder den lite!: De Kaiser ontmaskerd. ITat er ook mag gezegd en gesebreven wor-ien over de echtheid va.n dit st.uk, wcuuy • r de Engelsche uitgever instant, toch is kt zeker, dat de schrijver ervan in de Ber-;iDrche hcf wereld ten zcerste thuis is en ;éîieel en al vertrouwd met het raadselachtig irakter van den Duischen keizer, dat na :î lezing van dit stuk niet raadselachtig «tr is. „Graaf Axel von Schwering," schrijft.de Er.jelsche uitgever, ,,was een kindervriend, *n speelgenoot van den Kaiser, en hij bleef tttîds zijn boezemvriend. In dit dagboek .-»ft hij de belangrijke gesprekken weder, lie hij met den Kaiser hield op het oogen-i'ik dat de oorlog uitbreken ging. Door ;:i ?e:prekken ontstond er eene verkoeling tivchôn de twee vrienden, vrant het blijkt tfkiaar-uit* dât de wereldoorlog rceds lang or Duitschland VQorbcreid was. Dit braclit iîu ?raaf tôt wanhoop, en leidde hem tôt k zcifmoord, waarna zij ne aanteekeningen onze lianden kwamen." Hoe en waarom "ordt er niet bij vermeld. doch zeker is het, lii dit dagboek al de vraagstukken oplost îie ideren denker zich reeds menigmaal •sfeld heeft. De aanteekeningen beginnen op 30 Juni 1314, en graal von Scbwering is in voile Yachting van den indruk dien het treur-wl van Saravejo op zijn keizerlijken teesier- zal ivitgeoefena hebben. Hij vindt '■i de keizer cen ander man geworden is, (3 in het ontstane gesprek uit deze de be--înerijke en thans zeer klare voorzegçing : • Frans Jozef is te beklagen. En nochtans, M weet, dat niet hij het is dien ik het -■«"t beklaag. Anderen zullen 'îderdezen dood lijden; ande-'în zullen er ailes door ver-:ezen." — ,,Zoudt geT dan willen den Kflog ontsteken?" vrâagt hem de graaf, otet. — .jNeen,'' klinkt het weder, ,,ik er niet aan, maar ik kan ge-«ongen worden hem te ver--l'-ren." Graaf von Scbwering denkt &p na over deze verklaring, en bespreekt ^ met von Moltke: deze ook vindt den W geheel veranderd, te meer omdat plem II hem gevraagd heeïfc of Duitsch-gereed was in het strijdperk te treden, ^der echter te vermelden tegen wie. ,,Ik gaat von Moltke voort, ,,Willem II "■ de.oorlogc Ik geloof zelfs dat j ] h e m a 11 ij d g e w i 1 d h e e f t, tnaar hi] den moed heeft gehad te veinzen '• op het oogenblik waarop hij met zeker-; • te gelukken, zij ne onverbiddelijke ^tten kon doorzetten." M gesprek doet de ongerustheid van von Schwering nog aangroeien, en hij îiakt gebruik van eene eenigszins open-«rtige bui van zijn keizerlijken vriend om ^ ?esprek er nogeens op te brengen. Doch II blij-ft steeds raadselachtig, hoe-7* ^ij bekent, dat zijn doel steeds geweest ' z*h voor te bereiden op , ,eene eind-X' die toch eens moet aangevat wor-jr- );De dood van den aartshertog van ^tenrijfc is zwanger van onheilen, niet 1 voor zijn land maar voor de gansche Het s geen jonge en onervaren als de kleine aartshertog Karel die afdwingon zal voor de Habsburgers T die Oostenrijk zou weten mede te slepen. :3dien er iets te doen is, moet ' » , ?es ch ie d e n terwijl de oude ,tî2®r nog leeft. Eens dat deze er i . meer zijn zou, is het te laat." Dit ' Jnnert m© wat Nannie van Wehl in , Lcvcn van 29 October 1914 neder-^jreef; ,?Van Frans-Ferdinand had ik _ ,eel gelezen, dat de tijding van zijn dood ' een diepe. vrome dankbaarheid ver-en ik fluisterde, als ééne uit ail en : • ,'^j geloof d en gedankt! Deze man L ,'e^ °P °nze mannen voorzien.,, Enkele ^."jkredenen in de kranten versterkten ?^'n vromen dank. Las ik niet : ,,In n,--Ferdinand daalde Hij ten grave, die ; , vonken bij zich droeg, welke Europa in 'p konden steken ?" ^^^enaardige en treffende overeenkomst de gedaohten der Hollandsc.be ^ njfster, en de hier vermelde woorden 3> ^ Duitschen Keizer? j.. " t begin vzn~ Juli doen de Keizer en , If ^nd éeni tocht naar het Koorden, "IJ-nki, J _ i. .T ,1^ , eveneens zjouden doen ?... Ik heb ,gewach1 en lang, te laug gewaakt voor een voi*st di eene taak te vervullen heeft. Denkt 3 wellicht dat mi j dat gemakkelijk viel?.. Ik heb gezwegen, omdat ik niet anders kor omdat ik niet bereid was tôt den strijd, on dat ik nog niet zeker was te overwinner Maar iiu is het oogeniblik gekc men om het masker af t werpen. Ik verjang den oorlog niet maar ik zal geen vinger verroere: om hem te bèletten. Met vasten voe zal ik hem afwachten, en i n ^ i e • ik hem aanvat zal het zon der medelijden, zojider wro.€ ging zijn, zon der iemand of iet te ontzien, en ailes vernielen-wat ik niet inmemen kan!" De ontzet-ting vaai graaf von Scliwerin groeit al meer en meer aan. Wat kende hij wat kende iedereen, wednig zijn Keizerlijke vriend ! De man die zoo vrcdevol s c h e e n legde het sinds lange jaren op don oorlo_ aan ! Maar wat nog ergei* was, toen een tek gram intrad, meldend dat Servie het Dos tenrijksoh ultimatum aangenomen had lioorde hij den Keizer morren : ,,Wat zij-de mensohen dwaas ! Hoe m oe i 1 ij k i het toch h e n te doen y'erstaai aan bcord van de ,,Hohenzollern". Hie ook wordt de toestand tusschen Oostenrij] en Servie heftig be6proken, en graaf voi Schwering uit de mesniug dat Oostenrij] wellicht zijn eisclien matigen zal en zich te rugtrekken. Doch mi valt de Keizer in wat men van h en verlangt zon der de dingen bij h un naam t' n o e m e n V' En onmiddellijk daa-rop sein de hij dat Oostenrijk toch in hoegenaam< niets mooht toegeven • Einde Juli nadert en de reizigers keerei terug. In Berlijn heerscht een oorlogszuch tige geest, want de regeeringskrin-gen liad den allerlei dwaze en onware nieuwsjes ver spreid. En op het groote plein voor he kasteel hoort de graaf zijn Keizerlijkea vriend de ergs te onwaariheden voor duizen den toahoord^ift ten beste geven, onwaarhe den zoo doi..iaande dat geen mensohelijik* mortd het tôt hiertoe aandurfde! De uitbarsting nadert; zij is daar. El nu treédt het karakter van den Keizer ii zijn voile dagliclit, want de oorlog is beslo te>n. Graaf von Scliwerin verbaast zich da de Keizer het zicih aantrekt voor de onmo gelijke eisohen van Oostenrijk. Maar : ,■<,Denkt ge dan waarlijk, mijn beste Axel dat ik de wapens. grijp ter corzake van Oos benrijk?" hoort hij oénsklapS : .,,Laat ons alî twee oude vrienden spreken. Tôt hiertex zaagt ge in mij een zeer vredevollen vorst.. Dat was niet omdat ik voor ailes den vred< wilde of dat het mij ontging dat de uit breiding van Duitschland nog verre was var het punt dat we kunnen en moeten berei ken. Neen, ik hield me stil, heel eenvoudiî omdat we niet gereed waren, en dat he" eene misdaad zij zou ten oorlog te trekkei met slechts negen en negentdg kansen oj de honderd voor zicih ! Ik berekeade ailes en zoolang ik ééne enkele kans van. tegen-slag zag5 s tel de ik mij.ne inzichten uit. Dal heeft me vijf en twintig jaar gekost, zon der dat ik ooit vergat wat ik behoord^ t< doen. Ik het» ailes verdragen omdat ik wisl dat het uur der vergelding moest slaan Weldra zullen dieze]*"e vorsten, die meen den mij groote eer te bewijzen door bij hel huwelijk mijner dochter tôgenwoordig t< zijn, voor mij-ne voeten in het stof kruipen hunne trotsohe hoofden onder het gewichl van mijn degen bukken, in DtfitscKland d< grootste en maohtigste natie der wereld er kennen, en in zijn Keizer den vorst wiens in zich ten niet mogen nooh kunnen tegenge werkt worden. Gedurende eenige dagen nos zal de helft der wereld mij als zinneloos aan sien omdat ik bijna. g"eheel Europa durf uit dagen. Maar geduld ! Al te ras zal iedereen verstomd zijn bij' de tooneelen die il aanbieden zal !" Da misdaad gaat baar gang in al Kar< ifschuwelijkheid, en graaf von Schwering ?evoelt nog slechts schrik en walg voor zijr Keizerli]ken vriend. 't Is ongehoord wat a onwaarheden de graaf overal verneemt thans in het bijzonder over Engeland, dal zich ook tegen Duitschland keerde. D? gruwelen worden zoo ontzettend da.t graa-1 von Scliwerin er zich over wil uiten mel Willem II en hem tôt klaarder inziohl brengen. Maar te vergeefe!" De oorlog i; S^een kinderspel", krijgti hij ten antwoord. .,De opofferingen die ik mijn volk gevraagd bem verdienen eene belooning, en het zal die vinden in het bewezen feit dat niemand ir staat. is ons het hoofd te bieden, en dat iedei die het wagen wil, onmiddellijk verpletterc wordt." — ,,Sire !" roept de graaf uit dif dch niet meer inhouden kan, ,,'t is niet ian Duitschland dat ge denkt, maar aan uwen eigen hw>gmoed, aan uw eiger jorzucht. En wanneor ge het volk vermeldt. is dit enkel leugen en veinzerij !" Willem II keek hem starlings in de 50gen. ,,Ik kan me veroorlooven u dat t€ ter geven, mijn beste Axel", sprak liij. Hier eindigt het dagboek, want graa.i Axel van Schwering werd kort daaroj: iood g<?vonden ; hij had in eene vlaag van wanhoop zelfmoord gepleegd. Bedrogen ir sijne innigste gevoelens, schreef hij nog eer brief aan den Keizer om hem kennis te geven van zijn voornemen en om hem eene [aatste maal te waarschuwen. Doch een man als Willem II luistert niet na,ar één< jtem uit het graf ; hij luistert zelf niet eens r<aç\r dat onnoemelijk aantal Duitsche stem-men die uit het reusaohtig kerkliof, dat België thans geworden is, tôt hem op-stijgen.Willem II zet zijn heerselizuchtig werk voort, dat zijn ondergang en den onder-Tang van Duitschilarid zal medeslepen. Of het dagboek van graaf Axel von 3lr.TnrArino-.7ni ATibf, iR-*ofrniet. vraap* ik niet te beelissen. Maar toch zal niemand kun-e nen of durven ontkennen dat de geheeie e geschiedenis niets anders dan strenge . waarheid bevat, in zoover men de hoofd-, zaken nagaat en de bijzaken veronacht zaamt. ZooaLs ik reeds hooger zeide, staat .. de Londensche uitgever in voor de echt . heid dezer bescheiden, en de meest kriti-e sche geest kan geene reden vinden om die , yerzekering in twijfel te'trekken. Want 't 2 is zoo en niet anders dat uit de moord t van Serajevo zich de wereldoorlog ontwik-^ keld heeft, waar\ran de verwikkelingen, _ wreedheden, earloosheden, en al wat er . aan onmenschelijken vernielingsgeest bij-P komt,allie beschaafde landen met de dieo-^ ontzetting en met een Tuid uitgekreten walg vervullen. ? EDWARD PEETERS. 1 5 Het feeslnummor van Je Legerbode" De Legerbode geeft bij gelegenlieid van ons nationaal feest -een bijzonder nummer uit, dat , onzen solda ten te velde voorzeker ve«îJ genre-! gon zal doen. De t\/ee dations 1830—191o, die 3 als opschrift boven de soliamelô maar steeds i lC'Vendige velletjes van I)c Legerbode .prijken, p zuMen in aller liart fierheid en nioed Avekken. - .. -, ^ehier hoe do uitgevers van het soldaton-^ blad het nummer inleiden: 1 ,,Het heeft ons toegesohenen dat, op dezen : pleohtigen dag, enkel do meest bovoegde stem- . anen 'slands dankbaarheid, liefde en onwan-kelbaar betrouwen aan onze geliefde soldat.™ _ ko 11 den betuigen. Wij hebben dan ook de meest ^ a-oorname s.taatsmanuon verzocilit enkele rege- - len voor do holdliafti^e verdedigers van hefc - Vaderland in dees logerblad noer te schrijven. 1 „0nze soldaten zullen met fierheid dde heer- lijke regel on lezen die door het puik der Bel-l gische leiders voor hen worden geschreven ; «ij zullen terzelfdertijd, met nieuwe krachten voor de aanstaande gevechten, or de zokerheid v^n den glorievollen en bevrijding aanbrengenden - zege putten ! > ,,21 Juli! Verjaardag van BeJgië's onaChan-l kehjkhoid! Verleden jaar nog, werd hij met . vreugdo on opgetogenheid gérvtierd. ,,Heden is deze dag des te grootscher om > z'jnè weergalooze voornaamheid on gewiditig-' heid. ,,Op het huidig uur 6taan onze jongens te L velde, als de koene kampioenen van de Onaf-l hankelijkliedd en van de Éer van het Belgische . volk, naar 't heerlijko voorbeeld hunner vado- - ren van 1830. Reeds nagenoeg >t\vaalf maand . lang, sîrijdt ons bewonderenswaardig leger onder de leiding van zijn Koning, met onver-moeibare en onwrikbare dapperhoid, opdat • België voor ;mmer blij en onafhankclijk blijve." Het blad bevat bij dragon van do vorschillen-do ministère : Baron de Broquèville, Carton de , Wiart, Hubert, Segers, Renkin, Berryer, Da-vignon, van de staatsministers Goblet d'AJ-, viella, Liebaert< Huysmans, Cooreman, Vaai den Heuvel en van Baron Guillaume, gezant te Parijs. l We knippen de bijdrage van Baron do Bro-■ queville, hoofd van de Regeering, met voldoe-; ning uit: , , ,G ij vraagt mij enkele regelen over den 21 L Juli. | Is h^t wel het oogenblik om te schrijven? Het woord is aan de wapens en het ge-schreveno is enkel van waarde in zoover het tôt do daad bijdraagt. Daden ; nog daden ; immer daden. Dat moet do leuzo zijn van de vurige vereerders van den 21 Juli, dat wil zeggen van al de Bolgen. En schijnt het u niet toe dat, op dit uur, de nationale verjaardag enkel kan gevierd worden onder oenen vorrn die waardig is van de voorvaderlijke overlevering ? De roemrijke bladen der geschiodenis vermelden dat, voor den strijd, de Belgen eene knie ten gronde bogen en godvruchtig een weinig aarde aan de lippen brachten, van dien geheiligden vadergrond voor wiens vrijheid zij gingen sueuvelen, en dat,levende heiligdom-men van wat zo jninden, zij zwoeren te sterven om een vrije ziel in het vrij vaderland te be-houden.De eeuwen zijn voorbij gegaan. De fierheid van het ras werd niet geraakt. Ook wekt er niets minder verbazing, dan al die harten vol betrouwen in de toekomst, en die van godde-' lijke hoop stralende wezens, Rpijts het wee en de bezwaren van het huidige uur! Vandaag zooals gisteren, wappert het Belgische vaandel voor het eouwonoudo ideaal in den wi#d ; zooals voorheen en zooals immer beschermen zijne plooien het fecht, de eer, de vrijheid. Uit hunne roemrijke graven staan de marte-laars der groote zaak op en roepen ons toe : Reeds slaat voor den vijand het uur der kastij-ding ; wreekt de dooden; verhéerlijkt uwland! Ja, mannen, vrouwen, kinderen, uitgewekene en in 't land gebleven Belgen, officierén en soldaten, rond den heldhaftigen Koning ge-schaard. allen verëenigd door dezelfde gedach-te en stèrk door dezelfde liefde, zullen wij, den 21 Juli, den glorievollen verjaardag vie-ron, en liemolwaarts zal de oude eed weerklin-1 ken: ,,Voor het vaderland, voor ons zelf; de dood zoo het moet, maar nooit geen slaven-keten !" BROQUEVILLE. Volgend treffend, bondig maar sterk stuk vloeido uit de pen van Louis Huysmans : ,,De ontwaking van het geweten van een volk dat al zingend den weg van de Vrijheid insla-ati. ,,StioIiting der Belgische provinciën^ m een onafhankelijken Staat onder do benaming van koninkrijk België. ,,Eene ietwat over haro lotsbestemming bo-zorgd^t natie, waarvan de Mogendiheden. door eene diplomatisohe sohepping, een onzijdigon staat zullen maiken, met het 00g op de verze-kering van het Europe esche evenwioht. ,.Dat is 1830. ,.Een ver-voest, maar vastberaden land. ,,Eon groot onheil, maar eene onbegrensde glorie. „Een bestoven, met sehroot doorsohoten vaandel, dat wappert op een ihoekje grond, waaa* Koning en Leger onversaagd weerstand bieden. 1 ,,Een in het hajt van al de vaderlanders heersohend onoverwinnelijk verbrouwen in de toekomst van het onafhankclijk, sterker en heerlijker Belgie. ,.Dat is 191o." LOUIS HUYSMANS. Zie onze teJegrammen en Saaiîsfe legerberichten op de tweede bladzijde KLEINE KRONIEK Kern. ,,Er moet een publieke opinie worden ge-vormd, die andere volken niet beschouwt als tegensfcanders, dje men moet rtegenwerken, maar als vrienden, waarmede men kan samen-werken tôt een zelf de doel. Om zulk een openbare meening in het loven te roepen, moet er eerst onder staatslieden, journalisten en zakenmenschen een echt internationaal besef ontwaken.'' -NICHOLAS MURRAY BUTLER. De Spoorwegverbinding Zweden—Rusland. In het nu bijna afgeloopen oorlogsjaar is het Hooge Noorden. Dit is een gevolg van de plaatsjes Ivarungi, Haparanda- en Torneaa in het Hooge ftioodden. Dit is een gevolg van de gaping die de spoorwegverbinding Zweden— Rusland vertoont. Karungi is het eindstation van den Zweed-schen Noorderspoorweg. Hier houden de sporen op. Van hieruit rijdt men met een rijtuig naar het 27 KM. zuidelijk gelegen Zweedsche grensplaatsje Haparanda, aan de Torneaa-rivier. De Torneaa vormt de Zweedsch-R(ussische grens. Een lange houten brug, die van 6 uur 's morgens tôt 9 uur 's avonds voor het verkeer Vrij is, verbindt Haparanda met het aan den Finschen oever liggende plaatsje Torneaa, waar de Finsche spoorweg begint. Deze gaping in de spoorwegverbinding tusschen beide landen werd noodzakelijk geoordeeld om strategische rëde-nen.Groote moeilijkheden waren er echter het gevolg van onmiddellijk bij den "aanvang van den oorlog. Uit beide richtingon kwam naar 'dit stukje grens een stroom aanzetten van Duitsche en Russische vluchtelingen. Groote goederenverzendingen volgden. De onzeker-lieid. wegens mijngevaar van de zeeverbinding tusschen Zweden en Rusland bracht dit mede. Ooederen die tôt dusver over Duitschland hun 1>estemming bereikten, werden thans over Zweden verzonden. Bij zulk een plotselinge en «mtzôglijke ontwikkeling van het verkeer scho-ten de voorhanden zijncle transportnjiddelen te kort. Te Karungi en in Torneaa hoopten de goederen zich op, trots de fantastische prijzcn die betaald werden ging het vervoer slechts traag in zijn werk. Hiermede stond de kwestie van een recht-streeksche spoorwegverbinding tusschen Zweden on Rusland in het brandpunt van de belangstelling. Te Stockholm had een Zweedsch-Russische conferentie plaats met het doel om tôt de oplossing van deze kwestie te komen. Met het 00g. hierop werd op deze conferentie een spéciale oommissie benoemd, wier taak het is het vraagstuk in bizondorhéden te bestu-deeren. Deze commissie is nu dezer dagen benoemd. Zij telt vier loden o.w. de directeu-ren van de Zweedsche en de Finsche staats-Met groote belangstelling ziet men ook in politièke kringen de .beslissing van deze commissie tegemoet. spoorwegen. Zwitserland in Oorlogstijd. Een correspondent van de N. Bott. Ct. geoft aan zijn blad indru'kken uit Zwitserland. ,,Zijt gif een maal den Ring gepasseerd." schrijft hij, ,,dan wacht u een heerlijke ver-rassing. Dan staat gij op Zwitserschen bodem. Gij hebt enkel Zwitsers om u heen, wordt op-genomen en ondergedompeld in puur Zwit-sersch leven. Want dat is het kerimerkende van dit seizoen, dat Zwitserland zoo' geheel zieh-zelf is ! Geen dikke Duitschers laWaaien als in andere jaren overal om u heen; geen stugge Engelsch-man gaat op en af in het hôtel, alsof liij do eenige gast in huis was; geen Russen siellen uw anaatschappelijke inschikkelijkheid op een zware proef. Ook de beminnelijke gebreken der Fransclien' blijven u bespaard, en (onder ons gezegd) ook de altijd kritiseerendo Hol-l?nder is sohaarsch vertegenwoordigd. Er zijn inderdaad weinig gasten. Maar wie heeft dat ooit als iets onaangenaams ondervonden ? De hôteliers, dio hadden het zeker lie ver anders gewenscht. Maar de Zwiters hebben ge-noeg praktischen zin, om daarmee het hoofd niet te laten hangen. Vooreerst heeft het be-stuur der Zwitsersche hoteliers-vereeniging onder algemeene instemming der leden het volgende kloeke bosluit genomen : ,,Er zal naar gestreefd worden aile gasten, zonder onderscheid van nationaliteit, het verblijf op Zwitserçchen bodem zoo aangenaam mogelijk te makén. Ailes wat met, de neutraliteit in strijd is, moet streng vermeden Vorden. Bij de heerschendo duurte der levensmiddëlen zal gestreefd worden naar een vereenvoudiging van liot menu, waardoor de stijging der pensions-prijzen grootendeels vermeden kan worden." Overigens is ailes bij het oude gebleven. En men zal mij wel niet van reclamemakerij ver-denken, als ik den Zwitserschen hôteliers eeu goed seizoen toewensch. Zij vormen een gilde van nijvere en wakkere industrieelen, dio heusch wel het verttouwen van hun clientèle verdienen. Eerst in de laatste dagen is weor gebleken, welke enorme sommen in dit bedrijf zijn vast-gelegd. Toen het regenjaar 1913 gevolgd werd door het oorlogsjaar 1914, raakte menig liotel in financieele moeilijkheden, en de voormannen uit het vak leidden by de^ Bondsregeering een actie in tôt het verkrijgen van officieelen steun. Uit de toen overgelegde Stukken bleek, dat in het Zwitsersche hotelbcdrijf een kapitaal is vastgelegd van 1,135,000,000 frs. ; dat bijna 45,003 personen daarbij hun bestaan vinden met oen totale loonsom van ruim 20,000,000 frs. He.t> bedrag, dat jaarlijks door liet toerisme in het land gebracht wordt, mag geschat worden op 500,000,000 frs. Een deel daarvan komt natuur-lijk ook op rekening van het postverkcer (5,000,000 frs.), terwijl het winstaandeel voor de Spoorwegen ten minste 20,000,000 frs. be-draagt.Uit deze cijfers blijkt, dat ook do Bond direct voor een flink bedrag bij den bloei van het hotelbedrijf geïnteresseerd is, zoodat voor de regeering de aanleiding gegeven is om te hel-pen. Voorshands is nog niets beslist, maar het voornemen bestaât, om den hôteliers tegen be-paalde waarborgen een bijzondere verlenging van crediet toe te staan, een soort van mora-torium dus. Natuurlijk merken de gasten niet veel van deze financieele crisis, tenzij zij aandeelhouders of leverancierS mochton wezen. In de weelderig-gestoffeerdè zalen en gangen heerscht de luxc-stemming van altijd. Op de terrassen brandt geen lichtbolletje minder, en het.orkest werkt elken dag zijn morgen- en avondconcert af met hetzelfdo entrain. De maaltijden worden opge-diend in ..de kleine zazl", die in normale jaren alleen in het voor-seizoen gebruikt wordt, zoodat ook het gezellige karakter zooveel mo^lijk' bewaard blijft. Machines voor loopgraven. Tôt het maken van loopgraven gebruiken de l^ranschen twee soorten machines, die zoowel in construotie als in uitwerking verschillen. De een, een automobiel, die twee zeer snel draaiende, met sterken druk tegen de >aarde gepei-ste ploegijzers achter zich aan trekt, le vert alleen do loop graaf, terwijl dô tweede tegelijk met de loopgraaf de helling maakb waar het geweer op gelogd wordt en die tôt bescherming van het hoofd dient. Deze laatste machine is een motorploeg, die evenals het ge-schut op een door paarden getrokken affuii, vervoerd wordt. Aan het onderstel op wielen hangt een zwaar, om.een horizontale as beweegbaar raam, dat de versohillende inrichtingen voor het trek-kon van de loopgraaf en voor het maken van het heuveltjo draagt. Ten eerste zijn er twee ploegscharen die de aarde losmaken. Het vormen van de loopgraaf wordt verriclit door een aan een as'draaiend door een motor gedroven ploegijzer, dat als free6er met vier snijvlaklïen. beschouwd kan ^worden. De groote omwentelingssnelheid en het zware gewicht (400 kilogram) van het ploegijzer maken dat men zelfs een harden bodem vrij goed bewerken kan. Op het ploegijzer volgt een aan dezelfde as zittende en eveneens draaiende vierploegiigc werpschop die de door 'het ploegijzer stukge-raaakte aarde terzijde moet wëipen. De daar-boven geworpcn aarde wordt in een boven het ploegijzer en iets terzijde daar.van, in een b'j-zonder toestel aangebracht vormijzer opgevan-gen, die daaruit vlak voor de loopgraaf een nauwkeurig geprofiîeerd heuveltje maakt. De noodige diepte krijigt de loopgraaf door her-haald ploegen, verbonden met een voortdurend dieper laten zakken van het toestel, dat daar-voor bijzonder is ingericht. Een nieuw hoofddekse! m het Hollandsche Legsr. Het ,,Hbl." meldt, dat binnenkort bij het Hollandsche leger een proef zal worden genomen met een nieuw model hoofddeksel, dat moet dienen ter vervanging van de sjako. Het bestaat uit een soort kepi van grijsgroene stof I met een klep eveneens van die stof vervaar-digd. De kokardepompon,ykan, wanneer zij bij het véldteiiue moet worden afgenomen, bin-nen in de kepi worden geborgen. Bij elk regiment zal een compagnie worden aangewçzen, waarvan 30 militairen van ïi^t nieuwe hoofddeksel worden voorzien ; na ^en proeftijd van drie maanden moet het rapport worden ingezonden. Europa's bezit aan Amcrikaansche fondsen. Om een antwoord te kunnen geven op de vraag, hoe groot het bezit is van Enropa, voornamelijk van Frankrijk en Engeland, aan 1 Amerikaansche fondsen, heeft, naar de ,,Voss. Ztg." meldt, de heer O. F. Loree, président der Delaware & Hudson, een rondschrijven ge- i richt tôt de 145 spoorwegmaatschappijen in de 1 Unie, die over meer dan 100 mijlen spoorweg- ! lengto beschikken. Van deze 145, hebben 9 maatschappijen met een gezamenlijk 6poorweg-net van 3725 mijlen niet geantwoord. Volgens de opgaven der 136 overige maatschappijen ■zou, blijkens haar statistieken van October 1914 tôt April 1915, het Europeesche bezit aan .fondsen geschat kunnen worden op $ 2576 millioen. De gevolgen van den oorlog op den hande! Ver. Staten. Uit een ebriclit in de ,,Berl. Borsen Ztg." blijkt, dât, over het geheeie fiscale jaar 1914/15 der Ver. Staten, de uitvoer uit de haven van New-York $ 323 millioen meer, de invoer $ 120 millioen minder bedroeg dan de vooraf-gaande 12 maanden. De maand Mei gaf, in vergelijking met het vorige jaar, een 100 % grooteren uitvoer te zien. Het ovcrschot van den uitvoer op den invoer voor aile h aven s der Unie bedroeg niet minder dan een milliard dollars, zijnde $ 400 millioen mo<»r dan in de beste vroegere jaren. Van ainbtelijke zijde wordt anedegedeeld, dat deze geweldige stijging minder voorkomt uit export van oorlogsmateriaal dan wel uit export van levensmiddelen, die Europa thans in zoo groote hoeveelheiçl uit Amerika betrekt. De Duitsche margarine-industrie. Naarmato de oorlogskosten stijgen begint men zich in Duitschland meer en meer vertrouwd te maken met het denkbeekl, dat ver-schillende industricën door het Rijk zullen worden genaast, ten einde nieuwe inkomsten te verkrijgen. Het schijnt dat. als zoodanig ook het 00g wordt gericht op de margarine-industrie. Althans neemt do voorzitter van het ,,Verband Deutscher Margarine-Intercs'senten" in het ,,B. T." stelling tegen eventueelo plan-nen in die richting. Hij wijst er op, dat de mar-garine-industrio zich moeilijk voor een Rijks-monopolie leent, omdat in de verschillendo dee-len des lands gelieel afwijkende eisohen worden gesteld aan kleur en smaak van het pro-duct.In 1898, toen de tegenwoordige wetgeving op de margarine werd aangenomen, vcrtegenwoor-digdo de productie blijkens officieele onderzoe-kingen reeds een waarde van 117 millioen mark per jaar. Sinds dien zijn geen officieele cijfers verzameld, maar men schat de waarde thans op 300 millioen mark. Alleen reeds sinds 1909 is de invoer van premier-jus, een der grondstoffen, van 95,000 ton tôt 203,000 ton (in 1913) gesto-gen. Er zijn behalve het fabriekspersoneel 3000 grossisten en 15,000 employés in liet bedrijf werkzaam, die bij invoering van een rijksmono-polie voor een deel broodeloos zouden worden. In overweging wordt daarom gegeven, liever een belasting in te voeren, gelijk aan het extra recht dat thans op buitenlandsclio margarine wordt gelieven. Dit zou 15 millioen mark per jaar opbrengen, bij een verhooging der prijzen met 2 à 3 pfenning per pond. Koeien in Australië. Elken dag uorden in Australië ongeveer 1,500,000 koeien gemolken, daarvan 1,000,000 in Nieuw Zuid-Wales en 500,000 in Queens-laiid. In de laatste tien jaren heeft het aantal koeien in Australië zich met bijna 750,000 vermeerderd. Amerikaansche uitgaven. Tn 1910 zijn in de Verecnigde Staten aan suikerwerk 180 millioen gulden uitgegeven, behalve nog 60 millioen voor gomballcn, die. zooals men weet, in Amerika worden gebruikt om' op te kauwen. Aan sodawater gaf men den ongehoorden som van bijna 775 millioen gulden uit. De Toekomst. a. Kleine staten zijn te verkiezen boven groote staten. Hoe minder ipwoners 'n land telt, hoe spoe-diger allerlei verbeteringen worden aangenomen en ingevoerd. Op 't punt van onderwijs, hygiëne, do vrou-wenkwestie, arbeidsbescherming, enz., staan de kleine landen met weinig inwoners vooraan in de beschaving. Alleen in inrichtingen, waarvoor groote sommen gclds worden vereischt en 'n groot afzet-gebied, zijn de groote staten'den kleinen staten de baas. Groote nijverheidsondcrnemingen kunnen alleen in groote landen met ruime grenzen en veel inwoners bestaan en bloeien. Waarom zou dat wel zijn? Zeker niet door gemis aan knappo deskun-digen; ook niet door gemis aan kapitaal in de kleine landen. Ook is 't geen gemis aan ondor-nemingsgeest ; want hoe zon 't dan komen dat juist in de kleine landen zooveel ontdekkings-reizigers, zooveel kolonisten zijn ? Daarvoor is toch ook ondernemingsgeest noodig. fteen; voor groote nijverheidszakcn is 'n uit-gebreid afzetgebied noodig. Maar waarom kunnen wij dan niet heel de wereld tôt afzetgebied gebruiken ? Omdat men, zoodra men met zijn waar de grenzen overgaat, hooge inkomende rechten moet betalen, waardoor mededinging onmoc^-lijk wordt; ..omdat onze grenzen, te dicht bij zijn", zooals iemand mo heel teekenend zei. En dat weten de groote staten ook wel ! Ware or in aile landen van Europa vrijhan-t del, de grootsto reden van voorrang van de groote staten boven do kleine zou vervallen zijn. Maar do macht, die 'n grooto staat bovên 'n kleine heeft door zijn veel sterkere bewape-ning? dan moest er ook afschaffing van leger en vloot zijn? 'n Groote staat heeft alleen bewapening noodig, om «zijn uitgebreidheid van gebied i». bewarcn of.... (als hij dat noodig oordeelt voor zijn afzetgebied), het te vorgrooten. 'n Kleino staat heeft zijn bewapening alleen noodig om zich ook maar eenigszins te kunnen vrij waren voor besnoeiing van zijn gebied door de sterk bewapende groote staten, waardoor zijn afzetgebied nog geringer zou worden. Vrijhandel zou de groote uitgebfeidheid van 'n land, de groote getalsterkto van 'n volk overbodig maken. Nu is do vraag: zou bij vrijhandel '-t ver-vaardigen van degelijke en daardoor ,,dure" waren, geen schade leiden ? Goedkoopo namaak zou dan nog meer afzet vinden, dan tegenwoordig. Maar als wij nagaan, waardoor goedkoope namaak nu reeds zooveel aftrek vindt, dan zien we, dat dit voortspruit : Eensdeels uit gebrek aan onderscheidings-vermogen van ft groote publiek (niet voldoende warenkennis, geen smaak, enz.) ; maar veel meer nog door de onmogolijkheid voor de meeste menschen, om zich 't duurdere, betere, mooiere, 't oorsproukclijke, degelijke produkt aan te aanschaffen. Dit nu zou wel eenigszins weggenomen kunnen worden door loonsverhooging en betere arbeidsvoorwaarden. Maar dan zouden de menschen meer ver-schillende dingen willen koopen, in plaats van degelijker, kunstvoller dingen. Er moet dus bij grootere bestaanszeker-heid, meer eenvoud, meer zin voor degelijfc-heid^ en meer echto kunstzin komen, en daar-toe is meer ware beschaving noodig^ naast de tegenwoordige hersenontwikkeling ; en ook meer zin in 't handwerk; door zèlf doen, 't werk van anderen waardeeren. Hand- en hoofd werk moeten naast elkaar staan, niet 't één onder-'t ander. Waa»r ook de arbeiders genoeg verdienen, om bij eenvoudige eisclien, in staat to zijn degelijke waar in schoone kleur en vorm to koopen ; waar ze op school naast verstande-lijke ontwikkeling ook praktische ontwikkeling hebben opgedaan, en echt van namaak weten te onderscheiden ; de degelijker stof, .de harmonischer kleur, de verschero eetwaar weten te waardeeren, door ontwikkeling van liun tastvermogen, hun gezicht, liTin smaak, hun reuk, naast hun verstand en hun bereke-ning, zal vrijhandel niet leiden tôt verdringen van de oorspronkelijke, goede waren door namaak. Waar vrijhandel is, zijn grenzen geen be-letsel meer voor afzetgebied. En daar vervalt dan ook 't voornaamste voorrecht van 'n groote staat boven 'n kleine. Waar geen voorrecht meer is, is ook de instandhouding ervan overbodig geworden. Waar de instandhouding, laat staan de uit-breiding, van 't grondgebied van 'n groote staat onnoodig is geworden, is zijn voornaamste macht, die daarvoor moest zorgen, met name: leger en vloot, overbodig geworden.En zoo zouden dan aile Europeanen (en later inisschien aile volkeren der aarde) in kleine staten van saamhoorigen, jvat volks-aard en oorsprong, wat belioeften en belangen, wat taal en godsdienst en nog zooveel meer betreft, vreedzaam naast elkander kunnen leven ; zich tôt één groote Europeesohe staten-bond vereenigend, alléén daar, waar algemeene belangen hen samenriepen, of zich willekeurig in groepen van meerdero staten verzamelend, waar éen stambelang of één economisch-, één taal- of één godsdienstbelang besproken moet worden, zooals dat nu reeds op wetenschappe-lijk en op kunstgebied plaats heeft. Door verbotering, opheffing, ontwikkeling en beschaving van den enkeling, door vreed-zarne besprekingen, door elkaar waardeerende en begrijpondo bepalingen alleen zr.llen we komen tôt 'n ideaalstaat van Europa. Amsterdam, Maart 1915. J. E. M. VAN WALCHREN. ■ ■ ma* ■ ' Âan fcderlarBd. Zooals^ m en soins aan zes De zon slechts op het verre zsil ziet blinken, Wijl 't wijde strand in 'tdonker ligt ; Zooals men door de maan 't Verborgen zonlicht weet, Zoo west ik, Nederland, door u. Al is in rouw do gansene wereld, Dat er neg vrede eu menschlijkheid bestaat. -JTA'RT'T-M -D-T-DM-VS.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre De Vlaamsche stem: algemeen Belgisch dagblad appartenant à la catégorie Oorlogspers, parue à Amsterdam du 1900 au 1916.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Périodes