Ons land

238679 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1917, 22 Decembre. Ons land. Accès à 19 mai 2019, à https://hetarchief.be/fr/pid/7659c6t02z/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Derde Jaargang, , Nummer 34 PRIJS: 5 CENTIEMEN 22 December 1917 ABONNEMENTSPRIJS: Per jaar 3.— Voor 8 ma*ud«n 1.75 Vo*r 3 œaanden I.— ONS LAND ALUUMEWI vvKcniiLAij VUUK HET VLAAMSCïifi YOLK ■ ■imp.»*""—» ■ ,.m««pw—miaiia m garn—wm—m—"nmrf MM | mil Maa (okrijft in tca blinde van bet blai! Opstelraad en Beheer : ROODESTRA.AT, 44, ANHYERPEM STAAT KLJN DE - WETENSCHAP - KUiNST - TOQNËEL - LETTERKUNDH Vlaanderen en zijn Toekomst De Bulgarijsche geunificeerd-socialis-tische partij publiceert den tekst eener memorie, welke hare afgevaardigden overhandigd hebben aan het Hollandsch-Skandinavische comité te Stockholm. Daarin lezen we onder meer : Wij w*ren fekt-nfc teg«n een ingrijpen Tan Bulgarijo in d«n oorlof. Dit belet ona intusachen niet, te erken-Hen, dat in d« oogen Tan ons rolk dit ingrijpen geens-aina een imperialiitisch karakter draagt, en «treeft nur reroreringen, maar dat het Teeleer een middel if, ont op^edrongen tôt bereiking Tan da national# aanheid. Daarom eijn wij orertuigd, dat het heratel van den toeetand, «ooala die Toor den oorlog waa, niet alleen achadelijk iou aijn, maar ook onmogelijk. De oploa-aing ran het Balkan-rraagituk kan niet meer worden gesocht in de formulea tôt Toorkoming ran een oorlog op den Balkan, waaraan de aociaal-demokratie tôt dua Terre bleef hechten en die niet langer atrooken me* den Bieuwen itaal Tan eaken. Hoe meer het ona gegeTen eal aijn, de nationale wenachen en Terlangena der BalkanTolken te kunnen beTredigen, hoe grooter ook de waarborgen Toor den Trede in Europa aullen eijn. De eerat« Toorwaarde <S*irtoe ia de ach«pping Tan de mogelijkheid, de Bal kan-nationaliteiten behoorlijk te determineeren es. tôt eenheid te brengen. Dit ia een dwingende noodsakelijkheid Toor Bulgarie, Volgena ona atandpunt beteekent de Tereeniging der Bulgaarsche Tolken met hun landgenooten Tan Maoedonië an de Dobroedaja onder de huidige om»tan-digheden niet alleen eem beTrediging Tan het recht-TaardigheidsgeToel, maar ook een waarborg Toor den Trede. De nationale unifikatie is niet in tegenspraak met de formule : Trede aonder anne-xatie. Het eenig aoeia-liatiach beginiel, hetwelk in dit opzicht tœpaaaelijk ia, ia dat Tan de beToegdheid, eijn eigen plaata te bepalen en Tan de Trijheid der nationaliteiten. Onder annexatie immera moet men de gedwongen inlijTing Tan Tolkeren tegen hun xin Terstaan. Aan den anderen kant Terkïaart de Bulgaartche aociaal-demokratia eich ten gunate Tan de autonomie der nationaliteiten, daar waar de beTolking aioh niet wenscht af te «cheiden Tan een ataat om een nieuwen te Tormen, en rij bepleit da burgerlijke, godsdienatige am politieke Trijheid der nationale minderheden. Wij aij* tegen de gewelddadige af«cheiding Tan Treemd gebied, en tegen annexaties, wij eijn Toor heratel Tan de oTerwonnen ataten. Wij Terwerpen de oor-logaechatting. Daarom zijn wij t»n ffunste van het hsrttcl van Belgiè, SarTiô en Monténégro geatemd, en kennen aan Polen, Armenië, enz. het recht toe, eelf hun beatemming te kiezen. Wij begrijpen nu best dat Vlaamsche sociaal-demokraten, zich her-innerend hoe op andere plaatsen eveneens sociaal - demokratische itemmen opgingen voor het herstel van België, deels uit partijtucht, deels uit zeer bewonderenswaardig geloof in het sociaal-demokratisch ideaal, meenen dat zij, uit opportu-niteit, moeten strijden voor een herstel van België. Deze meening is een dwaling. België ia geen nationaliteit. Om het partij belang als een volksbelang op het spel staat en va tout speelt, mag men niet terug-keeren tôt wat gebleken is voor het volksbelang verderfelijk te zijn. Het is plicht en dit voor de so-ciaal-demokraten niet alleen, maar voor aile Vlamingen, aangezien de naam België, door een sluw-bere-kende propaganda gekend is, en Vlaanderen, wiens zonen men om België, Frankrijk en Engeland, onder het applaus van verburgerde »o-ciaal-demokraten opoffert, onbe-kend en onbemind, overal waar er stemmen opgaan voor het herstel Van het oud-Belgi'è onmiddellijk. het Vlaamsch protest te laten hooren, wijzend op het feit dat men een volk van Germaansch ras en Van ruim 4 millioen zielen opoffert aan het Latijnsch-Engelsch belang ; hoe men door dat herstel, dat men een daad van rechtvaardig-heid meent, de grootste onrecht-vaardigheid hegaat tegenover meer dan de helft van België's bevolking. Telken» zal het protest ook Vlaanderen's aanspraken stellen op Fransch-Vlaanderen. Deze daad van protest is van allergrootste en allerdringendste noodzakelijkheid. Haar te vergeten of haar te veron-achtzamen is verraad tegenover Vlaanderen plegen. • * M Er is geen middenweg. Ofwel is het hersteld België het België van voor * 14 ; het Haversche België van broodrOof, verbanning, krijgsge-recht en kogeldood... en dan voor eeuwig : « Vaarwel Vlaanderen ! » Ofwel komt er een Vlaamsch-unificeerend België met een lagen en sterielen, beschamenden strijd van Vlamingen tegen Wallonen. Dat willen wij niet. In naam der Demokratie protes-teeren wij tegen een Vlaamsche he-gemonie over Wallonië. De eenige weg, dien moet bewan-deîd, is hij die leidt naar Vlaande-ren's algeheele zelfstandigheid.eko-nomisch.door verdragen alleen,ver-bonden met die landen waarbij de Vlaamsche nijverheid en de Vlaamsche handel gebaat zijn. ONS LAND. Klare Wijn 't I» verwonderlijk hoc weinig' poUtiek iozicht Ce Vlaming- aan den dag legt. 't Is alleszins verklaarbaar nochtans. Se-iert eeuwen ver van aile politieke leiding jehouden en sed'ert evcnveel jaren be-landeld als een overwonnen ras, dat wel jehoorzamen, maar niet gebieden, dat ivel van verre volgen, maar niet leiden noch't, zou het tem zeerste verwonderen lat de Vlaming blijkan gaf van veel poli-:iek inzicht. De grootheid, de vreemdheid ■n de beteekenis van deze tijden hebben nannen naar voren geroepen, — Ln /laanderen en elders ! — die, in gewone ijden de beteekenis niet zouden gehad îebben die ze nu hebben. Hun kracht zou iiet minder groot geweest zijn, hun werk îiet minder vruchtgevend ; — hun werk-nidden alleen zou verschillend geweest :ijn en daarom zouden ze minder in het /olle licht van de dagen gestaan hebben. Dat deze mannen uit hun midden zijn frukt door hun roeping en onder den Irang van de omstandigheden, wordt ■enmaal de grootste weJdaad, die God lan Vlaanderen bewees. Maar onder ze, die leiders geworden wjn, is nog te veel de meening ver-spreid dat er meer te winnen is met uiter-;te voorzichtigheid dan met grootste en "echtvaardige kracht. Dat is natuurlijk ïen kapitale fout en wij willen hopen, — l'oor Vlaanderen hopen! — dat nog >ijtijds die fout zullen inzien. Veel tijd >l ij ft daar voor niet over en het kan rt-io-nand lus ten die heeren in kringen, ver-Donden en vereenigingen zich te laten ver. inaken aan Byzantijnsch woordengespeel. Mu moet een nieuwe tijd gemaakt 1 Dat i» een daad ! Daden zijn uitingen van cracht. Praters zijn tijdverdroomers ! Het spreekt vanzelf dat de dag-, waarop wij bevinden, — en die is niet ver meer af, — dat a"e Byzantisme lang geinoeg geduurd heef'l, wij de tucht breken zullen en de plaatsen înnemem van de tijdverpraters. De onrust en de ontevredenheid stijgen met den dag ! De krachten stapelen op en eischca uJting ! Aile larnheid maakt ellen-dig en wij willen het gevoel van ellende door deze dagen niet dragen! Aile formulen hebben we voor oms neer-gelegd of er al dan niet een dag is geweest waarop we de een of ancierc for-muul hebben toegejuichd en onderschre-ven ! Wie durft te zeggen dat hij heden geloof t wat hij in '14 geloof de? En aïs men aan zijn geloof van toen heeft kunnen verzaken, waarom zou men de wei-nige dagen geloofs van '15 en *16 niet kunnen verlooehenen? Als men naar het licht loegaat, komt men niet plots in de alles-overstelpende klaarte. Men komt er langzaam toe en ellce vermeerdering noemt men, te goeder trouw, a het licht». In 't eind alleen weet men wat het wc" zenlijke licht i»! Van het allerhoogst belang >s heî, in tijds, voort te gaan naar het voile licht en niet bij een kleioe ver-meerdering te blijven. Daarom dat wij vôôr zoolang alreeds schreven dat de hoogste wijsheid is, dus ook het beste politiek inzicht! — te gaan in eens tôt het uiterste uiterste! Vasthouden aan aedere dingen is staari blijven te midden van den weg ; is j-ijn waardigheid van leider afleggen, is zijn roeping verlooehenen .. Men kara dat doen met een' hee! ern-stig gezicht en met woorden, d e den klank der wijsheid1 hebben; — niet met woorden, die de wijsheid zijn, niet met eea ernstige ziel ! * * * Wij gaan van étape toto étape naar ons dœl toe en de kracht die ons voert is de kracht van onze roepitig. Dat is Gods kracht ! In '14 namen wij den strijd op tegen de Walen en franskiljons, d e den Gods-vrede verbroken hadden en onze wil was ons-zelf te blijven, niettegenstaande de gebeurtenissen. Wij wonnen de vernederlandsching van de Gentsche universiteit. Wij wonnen de bestuurlijke scheiding. Wij wonnen de taalverordeningen. Wij eischen nu dat wat op papier be-staat in Vlaanderen wezenlijke werkelijk-heid worde. Wij wrochten om den dommen tegen-gtaind van Walen en franskiljons, om de lafhartige sabotage v»n stamverraders te breken. Wij beloven hun formidabel hard door te slaan. Wij zijn tevreden het hier te kunnen zeggen. Wij willen, als noodzakelijkheid, de politieke scheiding, d.i. de zelfstandigheid. « Het Vlaamsche Nieuws », onder de handlteekening van prof. J. Muylder-mans, verdedigt denzelfden eisch en, uit een samenspraak met den steller van d«* artikelen « Vlaanderen, waarheen? » we. ten wij hoe hij de band tusschen Vlaanderen en Wallonië zoo los mogelijk wenscht, — noodzakelijk acht ! Zoo komt hij heden of morgen tôt het punt van ons programma : het zsffstand'ige Vlaanderen zonder hetwelk al het verkregene de waarde heeft van wœstijnzand, dat weg-gevoerd wordt door de reaktie door de Vlaamsche aktie in het leven geroepen en die met ijzeren h and moet onderdrukt. • Te velen bij ons leven van begooehe-lingen. 't Is er waarachtig de tijd niet naar ! Geleid te worden is zoo zeer in hun gewoonte dat ze zich thans laten leiden door formules. De klank van een formuul begoochHt h en zoodanig dat ze weigeren naar den inhoud te kijken,. en zoo ze 't wagen, om den klank en niet tegen s taandt den per-nicieuzen inhoud de formule behouden. Somwijlen is de begooeheling zoo sterk dat ze om de forrtiule de politieke wer-king verlammen en zich tôt remmen ma-ken.Nemen wij, bijv., de formule: Vrij Vlaanderen in Vrij België. Aan klank mooi genoeg ; — slechts als klank. Voor 't overige enkel tegenstelling en vijand-schap. De man van « Vrij België », Dr. Fr. van Cauwelaert, is de politieker, die de wijsheid in kronkelingen meende te vinden en die daarom tusschen twee stoe-len is gaan zitten. Vlaanderen spuwt hem uit omdat hij te lauw is, en België wil niet van hem, omdat hij, België niet dienen kan zooals België het begeart: vijandig tegeaover VUandBren ! » * # Wij hebben gezegd en veel duizenden met ons, dat de regeering uit Havere de vijand van Vlaanderen is. Daarom ook bestaat voor Vlaanderen die regeering niet meer. Dat is een rebellen-woord ge-volg van een rebellen-daad. En al wie Vrij Vlaanderen zegt begaat een rebellen-daad. Voegt men er Vrij België aan toe, dan wil men zichzelf of anderen begoo-chelen, en dat is in dezen tijd misdadig. Klare zaken moeten gezegd en gedaan en we moeten weten waarom het gaat. Welnu, het gaat om Vlaanderen en Vlaanderen's leven! Vlaanderen tn België zijn vâjartdig! De Haversche regeering is maar de voortzettimg van àl de Belgische regeeringen stdert 1830 ; z'j is de verpersoonlijkîng van den Belgischen Staat, van België. Zoolang België België blijft, is het de vijand van Vlaanderen. En als het gaat om België te verande-ren, dan late men aile formules van Vrij Vlaanderen en wal al meer eenvoudig-weg varen en men roepe : « Leve Bel-gië ! » Dan schenkt men klaren wijn en vangt men geen Vlamingen, wier Vlaamsch belang nogmaals zal geofferd worden aan een Belgisch Staatsbelang En wil men een Vlaamsch en ver-vlaamschend België als er een Fransch en verfranschend België bestaan heeft, dan ook zegge men het, opdat wij, de sedert 1830 verdrukten, onze stem zouden verheffen teg-en de kortzichtige po-litiekers, die de Demokratie tôt schand, aan broeders — al smaden ze ons ! — een juk willen opleggen dat wij thans breken l George P. M. ROOSE. AAN D1 c PASSIETBN »! Stst cm steM, wte ki 't (fer*cbt i* tiftm a] wi» « k«echt » «f slecht is vt wat ««ht •* rscht is. (19M) P*1 4e liollandëche briefwisseling UIT LIMBTJRG. — Onze iKedewerker Maixsel, Aùgùat, Fritz Van de VeMe sohrijft in de c Uni burger Koerier » va,n 25 November : « Vlaanderen'i zelfstandigheid. — Ja, îe-zer», daaj- gaat %het heen ! Spijt» aile ge-zwet» van hooge oomes; «pi]ta *,Ue rai/ikeiniiing, die den Raad van Vlaanderen te beurt viei ;»pijU aile hatelijk gedrijf vain de Bei,gi»che regeeriag ; •pijta aLle gedwarsboom van Vvaalsthe hcethoof-den. De waarheid ia op weg, niemand rai ze weerhouden. Vlaanderen wordt zeifstandig !Voor. waar, een stoute bewering. Erg gewaagd, op den eeraten aainblik. Maar, er is zooveel, wat er op wij'ut, zoo onnoemelijk veel, dat wij zouden dur-ven Deweren : mea moet stekeblind zijn, om nog niet te zien de onwirikbare, onverzettelijke teeke-neii dea tijda. Wat heeft dan het uur der totatandkoming zoo verhaaat.? Ocli, zoo een voudig ; «en heel goed, duidelijk voorbeeld : d« prachtige ganjr van zaken in Polen. Het vrije Polen, met zijn apiksplin-ternienwa regeering, zijn vroom, echt, herieefd godadienatig Kven, zijn eindelijk hervatte eigan onderwija. Wat ia het gauw, ondenkelijk viug w« aam h»t tôt zeb zeif komen ! 't la hartver-kwUtkc-nd ! VVe.nu — 't is goed het t« bemerken — d« Raad van Vlaanderen (opgericht door Vlamingein, niet door Duitscheirs) ia niet oogen-dof gewee4t voor dat heorujke voorbeeld van herwording. Hij he*lt begrepe-n «n ijvert nu, om Vlaanderen biiw)eakort,met één krachtiger atoot. den hemel der zelfatandjgheid in te duwen. Zal het een Keratgcachenk of een Nieuwjaara. gifte zijn! bpoedig ! zeggen de Viamingen. vrij ; Om Godawil — met getalmd ! En de Vlaamache pets verkneukelt zich, niettegenstaande de over-pijnjge ooriogitijden, om ae iiervvording, zov g root »c h nog nooit gedroomd. 't ia dua ajovei : men gelooft grondig aan de mogelijkheid om, in oorlogatijd, «en meuwen, heenten staat te auohten. Het begiut er, ten andere, ai aardig op te lijken, dat men zich bewuat ia van de vrije zelfstandigheid. Duàtachland beachouwt men aia een nabuur, die borouw heeft, lietat, zoo viug mogelijk, ailea weer goed maakt, en waarinee het ongetwijfcld beat leven zal' zijn na de ».'uiting van den vred». De geeateiijkheid keert zich Jangzarneirhatid naar d« oude, vadsrlijke Viaamache wijze van leven, evenala het ondei'.wija, en Vlaanderen knjgt groote, ernstige mairuer, net ai» zijn heer-acliende naburen. Haveie* iJat waa het leidende begmael in Vlaanderen'» jongsten, zoo naren droom. Hij ia echter geiukkiglijk voorbij, en het Vlaamsche volk ia wakicer, atapt fluka en fiink de weield in vu zegt parmantig : ik zal een a toonen, wat ik vermag ! Let wel, let goed, dat allea niettegenstaande het hongert en lijdt en gedeeitelijk atorft. Wat een bittere tegenateliing ! JDit ia o.i. het béate be-wija, dat de geeat zegevierd* over d« atot, V laandei-en heil ! 25—11—'17 Marcel V» de VeMe (lut Brugge) • * » HET GET1J. — Het jcwigate Getij-nummer geeft ai vaat een staaitje van zijn paageboren hatelàjkheid. Martin Permy» beoordeelt er « Do Noodhoorn > in. Ik dacht dadeiijk aan de be-rœmd geworden beoordeeJing van1 N. B. Een-haeff. Wat een tegenstelling ! ij'erihaefi een beza-digd en ontwikkeld man en Martin Permy» een jonge, *limme, handige Jood ! Waar Fenhaeff m»t eesn wonderbaarEjke juàatheid weet te doe» nitkomen de grootsohe beteekenia van De Clercq'a Noodhoom h«eft Permya niets dan afbretende troorden ovsr voor het gewrocht, al wii luj op het eind wat een vergoênjkend toontje aanaUoan. lntuaBchem rind ik het aohandelijk dat lemaaid di« zijn dichtkunst (?) te danken heeft aan De Cl»rc«i, zijn eigen meeater neerliaalt wanneer hij uit de buurt ia. Dat ia laag ! Toen De Gleroq io Amsterdam kwam waa ailes lof bij Permy» ; toen hij in Busaum bleef was het ai merkoaar minder; toen hij in Bruaeel kwam begon Martin zijn drek en vuil te gooien. Min ! Premsela, zoo achijnt hij ook te hoe ten, heeit De Giercq in alten ernat gelijkgealeld met Vond-ed (wat hij u* « Doemo-dag j ook beaiist i») en nu heet het : <c holheid, ilietoriek, ja, aorns... ergerlije emphase»! Nou rraag ik n* Kortom, De Giercq kan niets egrooteoh» voortbrengan ; muint elechU uit in het « kle;r,e genre » ! « Zonnige Jeugd » achijnt er nog door te kunnen. Wel, De Glercq'a jongale rerzeni worden de besten geacht en wat den ge-groeiden dichter aangaat, sohijnt allea verkeerd te zijn wat de voartbrengaelen betreft. Nu, waar mag het ge.noemd worden dat i Zonnige Jeugd » fciaoh ia — dat i» de meest uitkomende hoeda-nigheid ervan. maar dat we Euilka het beste van René De Gleroq kunnen noomen ia beaiist on-waar. « Van Aarde en Hemel » krijgt er ook van lang» en wel op de volgende manietfe : « Na de miaîukking van geweldpogingen in aommige de«-len r.vn... ». Ook vind Martin Permya dat men c geen rekening mag houden met den politieken rnïicmd. Besluiit : hij begrij.pt van heel de hooge diohtknnat van onzen weergaloozen tweeden J-oo»t van den Vonde! geen ziertje! Maar verder wil ik geen woorden meer ver-pmtaen aan een lieerachap dat altijd even draaierig geheimzinnig ia gebleven. Dan heet hij Antwerpenaar, dan Amaterdammer ;dan weer Vlaming, dan weer Hollarder; dan weer Bel»; dan weer Jood. dan weer Regeeringagezind ; dan weer aktiviat. Bij God — wie raakt er uit zoo'n hekaenrompalomp wija? Ik bedrieg me dua niet in dea « Gatij'a» jongate zwenking. In de tweed» plaatae : Herman Van den Bergh behandelt « Zonne-wende » van Joanne» Rcddingiu» en îaat zijn on-kunde meTken door verme'.d werk met... Gezelle'» pennevrnehiten te vergelijken. Aia er twee uit-eenlooiperide menachen rijn, wat betreft htm diohtwijze, dan zijn zij het wel ! Ernat Groenevelt, de schrijver van «Lange Velden ea Wegen», roelt nog de noodzakelijkheid te bewijzen dat er een Getijbeweging i» Dat zegt genoeg ! » * » LTEDERBOEK. — Onder dezen titel ia ln de legerplaaU bij Zeiat een bundeltje lâederen ver-•^•nen, mt?e?even door den Vlaamsehen Stu-iiekring. Het b*vat er vele door Emiel Hulle-broeck getoonzet en overwegend ia het een tama-k;k Koa|<l« kaua U ocana» Naaat da Vl»jun»cJi« is Holiand vertegenwoordigt door : « De Schut-terij», van J. H. Spsenhoff; < Wilhelmus van Nassouwen », ver. Marnix van Sint-Aldegonde; « Piot Hem», van .T il. Heye ; « Wien N êe>-. landseh bloed», vàn H. Tollen»; * Brief van J. H. Speenhoff » ; « Merck toch hoe sterek » ; < Een liedje van Koppelstok den veerman » : « 0 Kerat. nacht, schooner dan de dagen», van Jooet vao den VondeJ, «. * Maar... er ia een groote maar ; boven aile lieda-ken» van Relié 13e Lilercq i» opze.Welijk dt» dichter» naam weggelaten ! Wat een kieinzieligheid ! Men mag zulks niot weten, ziet u. Er »taan ech-ter 9 liederen in van De Giercq en ik heb g«-zorgd dat men goed weet dat ze van hem. xijn. Of men daar n.iet tegenop gekomen i»! Zeer zéker ! En fiink en hsftig ook, maar d« overheid. de overheid ia Haveriaanach en al» g» veel teg&nstri bbelt, dan wordt ge eventje» voor een stel dagen gevangen gezet — op water eu brood... Daar mo»s verandermg in komen : * » * WEERSPANN1GE VLAMINGEN. — Ha-*«■« heeft weer 10 koppigaarda meer ta telle*. Allemaal gebroed voor de kogela en de garanga-nisaen ! Wat zal het e»n gezellige boel wordak al* we ailemaal atraka »amen zitten 1 Hier zijn ae nu : 1. Léo, Jozef Lafaille; geborem >5 Maart 18UC te Borgerhout, aldaar gewoond hebbende Turn-houtschebaan, 38b, en irn verblijvende ta Baor-gen-ot>-Zoom. Korenbeuragtraat, 36 : 2. Jacob. Albrecht Lenimen», geborain 9 Sep tomber 1897 te Antwerpan, wonende : earat t* Berchem.noj te Bergen-op-Zoom, J3oeveatra.it 30; 3. Jozef, Alfona Loopman». geboren 'il Oogat-maand te Galmpthout in 1895; woont nu te Ro-zendaal, Doorgangshuia Java; tru v6or 1U14 gehuisvest te Heide-Galmpthout ; 4. Jozef, Frang Luyten, geboren lô Oofst-maa>nd 1893, te Lier ; nu verblijvende Potter-atraat, 28, te Bergen-oo-Zoom ; 5. Victor Mommaert». geboren I Wmtermaend 1894 te Mechelen, daar tôt Au^ustna T4 gewoond hebbende en nn in < Hôfal De Gouden l^eeuw » te Bereen-op-Zoom gehniavest ïijnde ; 6. Nicolaa* Mourean, geboren 5 April 1895 te cxnn, wwnende te Boom on d'Antwernaehe Steeo-weg, nu verblijvende te Bergen-op Zoom ; 7. Fran», Gommaru» Op de Beeck, geboren ta Mortael in '93, den Z2en April, gawoond hebbende te Berchem en nu gehuiaveat zijnda ta Bergen-on-Zoom. Be:vedèreatraat, 21; 8. Adrianua Peeter», geboren te Eaachan ; an verbliif houdende te Roaendael-Niapen ; 9. Fran», Constant Luyten, geboran te Lier, 9 Augustua 1891, te Antwerpen wonende v66r 1914 an nn verblijvende t» Bergen-op-Zoon» (Noord-Bra-ant) ; 10. Dé»ir< D'Hoogh», geboren en verb'.ijveirde te De Glinga (Vlaanderen). Woont nu te Hulet (Zeei&nd). la van 1891 (18 Maart), dua valt ook onder de dienatplichtigen. Havera — het loger groeit aan ! • * » HOLLAND'S LIEFDE. — On da lange lijate van Holland'a gcede daden ia weer een nieuwe achoone handelwijze toe te voa-gen. Reeds heb ik in «On» Land». niummer 32, voôrlaatate kantteekening, iet» erover kunnen mededeelen en nu ia er ai ii'itvoering aan gege-ven. De « Vereeniging tôt verbreidimg van ken-nia over Nederland in den vreemde » heeft een zeetigtal Vlaamache krijgsgevangenen uit d» legerplaateen van Harderwijk en Zei»t een st.iï-diereia laten maken naar Nederland'» hoofdstede : Amsterdam. Het doel ia àldergoedat, geko-— want Amsterdam biedt véél kunatschcon en veel ieerrijks. Vijf dagen vertoeven onze Vlaamach krijgera er. Hun ia dua mim-aahoot» tijd gegumd en ze kijken va»t allen goed uit hun oogen. 't la een heerlijk buitenkanaje, waar ze volop van gobruik zullen maken. Don-dexdag-avond, 13 d«xer, werde® za gui rerwei-koin.'i door Prof. E. Verachaffelt in het, groote, voornajne Hollandsch-Joodaohe « Krasiapolsky ». hebbefli onze atrijdera een gezailig saraenzijn mea-gemaakt.Na de welkom»bewoordângen in den wintertnin van c Kraa », zooal» de Amatardammera kortwag zeggen ! Mij dunkt dat men dergelijke redajea ook in Vlaanderen. nà demi oorlog natuurlijk, moest inrichten voor de in 't leger zijnden, om derwijze liefde en bekendheid te weiken. Dat men het in gedacht-en houde ! Marcel Van de Velde » * • BRITSCH GELD. — Aan den Opstelraed va»i t Ons Land », Antwerpwi, ■ In «* nummer van 24 Nor"ember vind ik een <t Holiandach" briefwi»aling », waarin nw mede. werk-K-, die hei. zeer aohijnt voorzien te hebbef» op het Kringetje voot Latterkunde met zijn maandblaadje t Het Getij », vooropateit dat d» Nieuwe Ameterdammer, oftewel Moagroene, «en naajnloo2^ vennoo^aohap ii,die werkt met Britsch geld. En louter omdat het tooh altijd wanache-lajk blijft, de waarheid in de pers te doen ken nen en niet haar tegendeel, veroorioof ik mij » het volgende te achrijven, met verzoek van op-neming in uw blad : Ik begin met voorop te atellen, op mijn berart, dat ik, na om bekende redenen den heer M. Wiessing gesteund te hebben. bij de »tichtmg van zijn blad, in 51ei 1916 de exploitât!» daarvan door onze Maatschappij van Goede en Goed-koope Lecttinr heb gestaakt, zoowel omdat het bhad toen verder op eigen beenea kon ataan, aai omdat het zioh meer en meer wa» gaan atitwik-kelen met een eerzijdigheid, die ik peraeonilijk betreurde en die het voor een t neutraal » wer-kend lichaam al» onze Maatsohappij moeilijk maakte, er zelf» maar de exploitâtie van voort te zetten. Maar al ben ik er dna le» van, ik weet er nog wel genoeg van, om te kunnen verzekeren : 1) dat het blad geen vecnootaoha/ppelijk blad ia; 2) dat er alleen Nederlandach en geen Engelach geld achter zit. A'i» dat zoo wa», ik zou er zelf nooit aan meegewerkt hebben. En hier wil ik ook even doen opmerkeu, dat dit blad, hoewel aterk anti-Duitsch, toch ook van de hand van den heer Léo Meert en vain mij zelf abukken over da Vlaamsche zaak heeft opgenomen, en ook m njn bnitenlandsche kroniek ateed» een medewerkar a*n het woord laat. die het imperiaiisme nnwr beide zijden even feï bestrijdt, ala ik het aind» jaar en dag heb gedaan. Of mu de persoonljke botrekking tnaschen c Ua Nieuw® Amsterdammer » en « Het Getij » — da heer Constant ran Wessem, een fel jeugdig dwe-per met Franeche knnat, i» »»»istent-»ecretari» van da « N. A. » «n tevena redacteur van « Het Getij » — er toe geleid heeft, dat Mr. W. het laiat»te naaadblaadje wat ataant, waat ik tthL

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre Ons land appartenant à la catégorie Oorlogspers, parue à Antwerpen du 1915 au 1918.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Périodes