Ons Vlaanderen

896 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1917, 21 Janvrier. Ons Vlaanderen. Accès à 22 août 2019, à https://hetarchief.be/fr/pid/7s7hq3t24f/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

n.::- . a n xt.. Zondag, 21 Januari 1917. ONS VLAANDEREN VERSCHIJNT ELKEN ZATERDAG ABONNEMENTSPRIJS : Voor België en Frankrijk : Voor een jaar fri. 4.25 Voor zcs maand » 2.25 Voor drii maand .... » 1.25 i**wïïî, z« essai ru i n T-^nr» a—MMWiTntiwiiMfti «fjumwnTr » DOOR EENDRACHT STERK BUREELEN : ?Ë G'ENT : 24, WelUnckstraat. TE PARUS 181, Rue de Charonno Buiten FrankrijK : voor een jaai . i . . . AAN ONZE LEZERS Onze kzers zullen voorzeker van deze week met genoegen bemerken dat het for-maat van « Ons VLAANDEREN » merkelijk vermeerderd is. Voor deze onder onze gëabonneerden, die nog onze volledige verzameling bezitten, zal het niet onaangenaam zijn, ons eerste oor-logsnummer, dat van 28 februari 1915, te vergelijken met onze tegenwoordige afleve-ring. Alsdan veri.chenen wij op een enkele bladzijde, 30 cm. breed op 45 cm. lang wij waren het eerste en eenigste vlaamsch nieuwsblad dat in Frankrijk verscheen Onsgetal abonnementen, dat de eerste weker slechts vier à vijf honderd bedroeg, groeide snel aan. Tien weken nadien, den Zondag 2 Mei 1915, mochten wij de eerste maal op iwee bladzijden verschijnen. Later konder wij nog eene kleine vermeerdering var formaat doen ; daarna besloten wij all< veertien dagen op zes bladzijden te ver schijnen, tôt wij nu eindelijk gekomen zijr tôt ons definitief formaat, ten minste voo: den oorlogstijd. Die verschillige verbeteringen konden wi bekomen zonder bijna den prijs verhoogen Immers, het abonnement, dat vroeger eer frank kostte per drij maand, twee frank pe: zes maand en vier frank per jaar, is ni vastgesteld op : Voor drij maanden : 1.25 frs. Voor zes maanden : 2.25 frs. Voor een jaar : 4.25 frs. Iedereen zal gemakkelijk bemerken dal dit al eene heel kleine verandering is, bij-zonder als men rekening houdt met d< overgroote prijsvermeerding van papier inkt, dagloon, en van ailes wat er voor eei nieuwsblad noodig is. Dien schoonen uitslag hebben wij voo een groot deel te danken aan onze lezer zelve, aan de ieverige propaganda welke zi voor « Ons VLAANDEREN » maakten, en dit ons getal abonnementen op nog geen twe> jaar tijd, meer dan verdrijvoudigen deed Wij danken hun hertelijk^voor den steui welken zij ons schonken ; wij verhopen da 'zij voortî ons zullen helpen en « On VLAANDEREN » bij familie, vrienden ei kennissen zullen aanbevelen . Deze vermeerdering van formaat zal on toelaten « ONS VLAANDEREN » no] aantrekkelijker te maken dan vroeger ; bij voorbeeld, de rubriek « Nieuws uit on Vaderlandnzal merkelijkbelangrijkerworden wij zullen 00k over verscheidene puntej kunnen spreken waarôver wij vroeger, on rede van ons bekrompen formaat, moestei zwijgen ; een nieuwe rubriek over de ge beurtenissen hier in Frankrijk welke d< Belgische Vluchtelingen bijzonder zoudei aanbelangen ; enkele woorden over de beurs over de marktprijzen, enz. — Onze lezer: 00k kunnen het hunne bijdragen om « Om Vlaanderen » belangrijker te maken ; bij zonder zij die aan het hoofd staan var Vluchtelingencomiteiten of andere Belgischf inrichtingen zouden ons waailijk genoegei doen wilden zij ons'allerhande mededeelin-gen welke de vluchtelingen aanbelangen: laten geworden. Voor de leidgedachten zal « Ons VLAANDEREN » blijven wat het steeds was : eer katholiek, Vlaamsch weekblad dat zijn prin-ciepen achter stoelen noch banken wegsteekt, maar dat denkt dat het nu den tijd niet is voor de Belgen van malkaar te verscheu-ren en dat daarom, zooveel mogelijk, aile twisten tusschen Belgen op godsdienstig, politiek, taalkundig of economisch terrein verlangt te vermijden. Wij zijn overtuigd dat onze lezers onze pogingen naar waarde zullen weten te schatten, en voort zullen gaan met ons hunne goedkeuring en hun vertrouwen te schenken. ONS VLAANDEREN. " " 181 fiOTflS De ONZE en de HUNNE. Dezelfden dag dat de geallieerden hun nota aan Président Wilson deden overhandigen, zonden de centralen eene nieuwe nota aan 1 de neutralen. 't Is oorlog met licht en grof geschut en met.... notas. Deze notas moeten grondig onderzocht worden, want alhoewel wij er plechtig in verklaren dat het uur jvan den vrede nog niet gekomen is, zitten wij, willen of niet rond het groen tapijt, zitten er aile oorlogs-oorlogsvoerenden rond, wat jvoor ons zeer jammerlijk is. Dat is een overwinning voor het duitsche ondier, dat eerst verslagen moet worden . Daarom moest men niet meer antwoorden, nog aan vijandelijke notas : daar-op antwoordt men met kanonnen, noch aan onzijdige notas : dat de neutralen zich met hun zalien bezighouden . I Antwoord der Geallieerden [ Het antwoord der geallieerden op de nota - van Wilson is degelijk; het spreekt om iets 1 te zeggen en beantwoordt de vraag van den Amerikaanschen président, terwijl het duitsch antwoord over twee weken reeds opgezonden, er niets op antwoordt en lou-ter gezwets is. Men oordeele liever : « De geallieerden zijn den président er-kentelijk voor zijne goede inzichten, zij | wenschen, als hij, dat in de toekomst der-gelijke bloedige geschillen onmogelijk ge-maakt worden door het instellen van règlement en die verplichtend zullen zijn j Nochtans, daar Duitschland de eenige 3 schùld van den huidigen oorlog draagt, willen 5 zij nu nog niet van eenen vrecfe die geene volkomene herstellingen en waarborgen voor j de toekomst levert. t Het spijt de geallieerden dat de neutra-s len door den oorlog insgelijks moeten lijden, 1 maar zij hebben den oorlog niet veroorzaakt en zij trachtten de schade der onzijdige s immer te verminderen. I Zij komen op tegen de gelijkstelling door ' den président gedaan van de twee groepen tegenstrevers. Immers, de wil van aan te vallen is voor Duitschland onlooehenbaar. De oorlogsverklaring door Duitschland gedaan, het schenden der onzijdigheid van Felgië en Luxemburg, en der wetten van den oorlog, bewijzen dat dit land eene 3 uitdaging voor de menschheiddaarstelt. Voeg 1 daarbij de" gruwelen in België en Serbie be-dreven, de moorderijèn van honderd dui-' zenden Armenianen, de raids der Zeppelins boven open steden, het torpedeeren van paketbooten en handelsschepen, de wreede 1 handelwijze met de krijgsgevangenen, de : moorden op Mis Cavell en kapitein Fryatt, 1 het ontvoeren en tôt slavernij brengen van de burgerlijke bevolking. dit ailes bewijst dat de geallieerden mogen protest aan-teekenen.Aan des présidents verzoek voldoende, doen de geallieerden hier in grove trekken de doeleinden van den strijd kennen ; deze zijn : het herstel van België, Serbie en Monténégro en de verschuldigde vergoedingen aan deze landen, het ontruimen van Frankrijk, Rusland en Roumenië met recht-vaardige vergoedingen, het inrichten van Europa op zulke wijze dat de kleine vol-keren kunnen bestaan, het vrijmaken der Italianen, Slaven, Roumenen, Tcheco-Slo-vaken, van de vreemde heerschappij, het buiten drijven der Turken uit Europa. De geallieerden willen het duitsche volk niet vernietigen maar wel zijn militarisai. » Dit edele antwoord wordt gevolgd door d Belgische Nota Het voorbeeld-, van België bewijst genoeg zaam en ongelukkiglijk dat de twee groepei tegenstrij vers dezelfde doeleinden nie beoogen. Voor het ultimatum wenschte België niet meer dan met zijne geburen in vrede t leven in volkomene onzijdigheid. Om het t beloonen viel Duitschland, België binnen ei overtrad er al de wetten : de Duitscher hebben doorzware belastingen het land leeg geplunderd, zij hebben met opgezetten wi zijne nijverhdd te niet gedaan, de stedei verwoest, talrijke inwoners gedood 0 gevangea genomen Nu nog wanneer zi schijnheilig hunne verachtmg voor de gru welen van den oorlog bekend maken, voerei zij duizende werkheden in de slavernij. België begeert uit al zijne macht den Vrede maar het wil enkel dezen vrede, die hem ziji volkomene onafhankelijkheid, heel zij: grondgebied en dit zijner kolonien, en waar borgen voor de toekomst verzekere. D Belgische regeering dankt het amerikaansc] volk voor al wat het gedaan heeft voor d Belgen in het bezette deel gebleven. Deze edele handelwijze doet de regeerin verhopen dat op den dag der besprekin; van den vrede, de stem der Vereenigd Staten zich zal verheffen om met klem, voo de belgische natie, onschuldig slachtoffe der duitsche begeerten, de plaats te eischei die zijn vlekkeloos verleden, demoed zijne soldaten, zijne getrouwheid aan de eer e: zijne groote werkvermogen, het aanwijzei te bekleeden onder de beschaafde volkeren. Wij hebben de stem van de eer en de waarheid gehoord. Luistert nu naar de leugen. De Duitsche Nota « Vermits de geallieerden ons aanbod nie willen aannemen omdat het niet openharti; is, zullen wij niet meer antwoorden, maa bewijzen dat het de geallieerden zijn di< de schuld van den oorlog dragen. Het is de geschiedenis die zal zeggen wii de schrikkelijke schuld draagt van dei oorlog en deze zal niet vergeten hoe Enge land ons wilde blokkeeren, hoe Frankrijl wilde herbeginnen, hoe Rusland Constanti nopel beoogde, hoe Serbie opstond en vai den moord van Serajevo de schuld draagt. Duitschland moest de wapens nemen on zich te verdedigen en is te vreden over dei tegenwoordigen toestand die het aan d wapens dankt. Het zijn de vijanden van Duitschland di de wetten hebben overtreden, met d Boeren te onderwerpen en van de vrijheii te berooven (De Boeren vechten met ons Nota der redactie) met het noorden vai Afrika te overmeesteren, enz. De geallieerden spreken van België. Reed voor den oorlog was België zoo aan Engelam en Frankrijk onderworpen dat het zijn onzijdigheid niet onderhield. Indien de geallieerden geweigerd hebbei een einde aan den oorlog te stdlen, val de volkomen verantwoordelijkheid op hui terug. » « Liegt, er zal altijd iets van overblijven» mocht bijna twee eeuwen geleden Voltairi schrijven. Nochtans, er is eene manier var te liegen indien men heternstig (?)wiJ,doen België heeft zelf zijne ontzijdigheid ge schonden! Maar met leugenaars discuteeren, doel men niet. Onze soldaten en deze onzer gëallieerden zijn borg dat wij strijden voor den vooruit-gang der waarheid en voor een edele zaak Zij hebben beter geantwoord als onzi diplomaten, alhoewel het diplomatische ant woord goed was, zij zullen beter dan iemane anders antwoorden in de toekomst. 181 Nog onze Krijgsaalmoezeniers Hetfransch katholiek (i)dagblad van Parijs j gaat voort met onze krijgsaalmoezeniers te j. bezwadderen. Nu heeft het eene ongehoorde schanddaad ontdekt ! Een officier-vrijdenker , is gestorven; in een geschreven testament 2 eischt hij zonder priester begraven te worden. En, hoe kan men het zich inbeelden : de j priester is naar de begrafenis niet gekomen !... Wij zouden meenen dat die priester j waarlijk zijn plicht kweet en veel beleefd-i heid betoonde, met zoo stipt aan het j verlangen van den vrijdenker voldoening j te geven. Volgens dit katholiek (?) blad, moest de priester toch maar naar de be-graving gegaan zijn ! Hij moest er aanwezig zijn, niet als priester maar als officier. ^ Eerst en vooral, wij zouden eens een 1 duidelijk officieel antwoorde willen krijgen op de vraag of een krij gsaalmoezenier een officier is in het Belgische leger, ja of neen ! ^ Daarbij, dat zijn zoo van die distinguos welke geen grond houden. Denkt gij dat onze jongens, als zij een krijgsaalmoezenier y aan eene burgerlijke begraving zouden zien y deelnemen, dat ze zullen zeggen : — « De ^ aalmoezenier is dààr, niet als priester, maar als officier, of als persoonlijke vriend van den afgestorvenen ». Neen, neen 1 Al onze ^ jongens zullen met verwondering denken r en zeggen : — « Zie daar, onze aalmoezenier gaat nu 00k naar die begraving ! En die ^ officier heeft geheel zijn leven anders niet gedaan dan gespot met kerk en kruis en priester !» — En ze zullen het maar niet in hun kop kunnen krijgen hoe de priester daar kan aanwezig zijn. Over eenige dagen ontmoette ik een mijner vrienden die zeer geschandalizeerd t was omdat hij een krijgs-aalmoezenier was y tegengekomen op eene plaats waar deze r zeker beter niet ware geweest. Hadde ik : aan mijn vriend moeten antwoorden : — « Man, die aalmoezenier was dààr, nief als 3 priester, maar als officier ! » — ik geloof a' 1 mijn vriend mij een leelijken neus zc . hebben ! c En, even als onze vriend geschandaiiz - - was, omdat hij in dien aalmoezenier 1 priester zag en niet den officier, zoo zouden 00k onze mannen het kwalijk opnemen 1 moest een aalmoezenier aan eene burgerlijke 1 begraving deelnemen, orpdat het daar de 3 plaats niet is van den priester. Vroeger, in den gelukkigen tijd dat we 3 nog in België waren, als 't gebeurde dat de 3 eene of andere onderpastoor soms zijn neus 1 te veel in de politiek stak, dan protesteerden al de liberale en onzijdige blader, lijk 1 Le Soir, en vele andere. Men had hun goed te zeggen dat de priester evenals aile Bel-s gische burgers toch het recht had zich met 1 het bestuur van zijn land te bemoeien : — 3 Neen, neen ! — schreeuwden zij — Een priester is geen burger als andere burgers ; 1 hij is eerst en vooral priester en beschikt t over eenen zedelijken invloed die andere 1 burgers niet bezitten I « — Maar nu zouden onze krijgsaalmoezeniers, volgens diezelfde opstellers, toch eerst officier moeten zijn en 3 daarna priester!... Dat is de logiek van die 1 heeren ! ! Maar er is bij hun geen kwestie van deze zaak kalm te beredeneeren ; neen : « Car-thago delenda ! » Ze zitten met een krijgsaalmoezenier op den neus 1 't Is hier eenvoudig kwestie onze ieve-rige aalmoezeniers den oorlog aan te doen ; onze priesters mogen doen wat ze willen, voor sommige gazetten zal het nooit gepast î zijn. Wij zijn overtuigd, hadde de aalmoezenier 1 op die begraving geweest, dan schreef het blad in kwestie een artikel om de klericale onverdraagzaamheid aan den kaak te stellen van dien priester die, niettegenstaande het uitdrukkelijk verlangen van den afgestorven vrijdenker, toch zijne aanwezigheid hadde opgedrongen ! ! Ziet ge, dat noemtmen: « TJnion Sacrée »... op den rug der katholieken, natuurlijk ; of is het eenvoudig nog het oud princiep dat men volgt : L'Union dans la discorde ! QHS KERSTIjESGHENK aan onze Soldaten. Dat het Kerstgeschenk door de lezers van « Ons VLAANDEREN » aan onze soldaten geschonken, veel genoegen en plezier gedaan heeft, blijkt uit de hier onderstaande brieven. Met honderden zouden wij er moeten afkondigen ; ze zijn bijna allen weerd van in de gazet te staan ; men is waarlijk verwonderd zulke schoone gedach-ten, zulke edele gevoelens bij onze jongens te vinden, en bij velen zooveel gemak van uitdrukking. Hieronder geven wij er zes of zeven, niet uitgevischte, maar voor de hand genomen ; onze soldaten zelve zullen het ons niet kwalijk nemen dat wij niet aile brieven opnemen kunnen. Belgisch Leger, 15 Januari, 1917. Hooggeachte Heer Hoofdopsteller. Is er nog wel een hoekje onbezet van Uw — of beter — van Ons Vlaanderen ? Mag ik het dan voor mij nemen ? Nu ! dan ga ik eens een paar woordjes neerpennen voor de lezers-inteekenaars der rubriek « Kerstgeschenk onzer Soldaten &. Goede lieden, Ik herinner mij weer die eerste dagen van den oorlog, toen wij, met onze veldbat-terijen, van het eene dorp naar het andere reden. Nu eens ging het vooruit, dan weer achteruit. Het <s achteruit » — of terugtrekken — was altijd een droef en pijnlijk iets. Na het zoolastigverdedigdstandpunt, tôt hetuiterste j behouden te hebben, moesten wij verder i.indwaài ts in. En telkenmale lieten wij, inds p het verloren terre • en deel van ns zelve. Gevoelden wij ni t aan den lijve ict wee van den verloopea slag, dan was het toch innerlijk dat wij diep leden. Op onzen doortocht langs de armste dor-pen als langs de rijkste steden, stonden vrouwen, meisjes, tôt zelfs kleine kinders, ons af te wachten, met al wat zij haddén of konden dragen aan boterhammen, vleesch, tabak, sigaren, tôt zelfs koffie en melk. Tusschen snikken en tranen werd het eten of drinken ons toegereikt en dikwijls was het onbegrijpelijk hoe meisjes of kleine kleuters, tusschen onze paarden doorslen-terden om te kunnen « geven », dan wanneer zij, in gewone tijden, niet eens een paard j,durfden benaderen. Het was even overklaarbaar, hoe mili-tairen van allen rang, gretig aanvaard' ° zonder schaamteblos, en langs de huizenrij voortraden met een dikken « moedersboter-ham » in de vuist. Maar in het algemeen lijden, was 00k het gevoel van echt vaderlandsche ver-wantschap algemeen geworden; de eene waren immers « de jongens » van de ande-ren geworden 1 Dàt was me dikwijls aandoenlijk, en vaak gevoelde ik lust om het uit te schreien. Sedert dien is dit ailes heen ! Nu liggen wij vastgeankerd in het slijk, om of bij den Yzer en nooit krijgen wij geenen « dikken moedersboterham » meer van moeders of zusters, wiens dankbare oogen ons nieuwen moed inspreken en met een « goeie gezonden boterham» hunne beste wenschen meêsturen ! Ik zou bijna die dagen.... herbetrachten 1

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre Ons Vlaanderen appartenant à la catégorie Katholieke pers, parue à Parijs du 1915 au 1919.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Périodes