De Belgische standaard

237 0
close

Waarom wilt u dit item rapporteren?

Opmerkingen

Verzenden
s.n. 1915, 14 Maart. De Belgische standaard. Geraadpleegd op 16 januari 2019, op https://hetarchief.be/nl/pid/n872v2d86w/
Toon tekst

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

l8te Jaar. N° 25 Vijf centiemen het nummer Zondag 14 en Maandag 15 Maart 1915. De Belgische Standaard / Door Taai en Volk Voor God en Haard en Land « DE BELGISCHE STANDARD » verschijnt 3 maal te week. Abonnementsprijs voor 10 weken bij vooruitbetaling : In Beigid : ro®r de soldaten r.50 fr. — voor de niet-soldaten 2.00 fr. Voor 't buitenland : 2.75 fr. Bestuurder : ILDEFONS PEETERS, 0. M. C. VASTE OPSTELLERS : M. E. BL-PAIRE, L. DUYKERS, Victor VANGRAMBEREN, Bertrand VAN DER SCHELDEN, iuui FILLIAERT. Voor aile mededeehngen zich wenden tôt : Villa MA COQUILLE, Zeedijk DE PANNE, ^.ankondigingen : 0.25 fr. de regel. — Reklamen : 0.40 fr. de regel. Vluchtelingen : 3 inlasschingen van 2 regels, 0.50 fr. De mogeiijke vruchten van den oorlog. De "XXe Siècle" van 27Februaribespreekt in een hoofdartikel — TJn accord définitif entre l'Angleterre et la Russie va régler la question d'Orient — de gewichtige voorvallen aan de Dardanellen, waaruit misschien de ©plossing van het reusachtig volkerenkon-flikt zal opdagen. Dit artikel is geteekend Belga. Welke politieke persoonlijkheid onder dien deknaam schuilt, is mij niet bekend, doch dat het er eene is lijdt geen twijfel. Al-tijd zijn de leaders aldus onderteekend in de "XXe Siècle" hoogst lezenswaardig door d« rijke documenteering, den ruimen, diepeti kijk ia de wereldwoelingen. Terwijl de reuzenstrijd in 't Westen e» Noord-Oosten woedt en aller blikken boeit schrijft Belga, gebeuren in stilte allerbeslis-sendste zaken daar waar Azië en Europa el kander te gernoet komen ! "Hoe menigmaa ging aldus de politieke toekomst der werelc terug naar smeltoven en aanbeeld in de on deraardsche sraissen van het lot, terwijl d< menigte, onoplettend of elders beziggehou-den, den geheimen arbeid der smeders of hei kliaken der hamers noch hoorde noch zag.' Zoo schijnt het nu nog tegaan, en nochtans hoe gewichtig is de stond, hoe afdoende misschien wat aan de Dardanellen geschiedt De Oostersche kwestie was, de eeuwen door. als de spil rond dewelke de Europeesche po-litiek draaider Echt Banquo-spook, doemde ze gedurig weder op, telkens de Groote Mo-geadheden gerust aan tafel gezeten schenen in 't bszit hunner uitgedeelde buitgenomen gewesten. Zou dat eeuwenoud vraagstuk nu in cens een onverwachte, niet meer verhoop-te oplossing vinden? Wat de Kruisvaarten aiet vermochten, wat voor goed verloren schcen bij den val van Constantinopel, — 0 Aya Sophia! — wat onaangeroerd bleef in honderden veldslagen en nu nog laatst in den Balkaanoorlog, — de macht van den Turk — gaat het plots, onder den vinger der Voorzienigheid, wijken en verdwijnen aan den Europeeschen gezichteinder, plaats rui-mend voor de beschaving Christi? Is het het beslissend onderdoen ! van de Halve Maan voor den zegepralenden stan-daard van het Kruis ? — Wonder schouwspel inderdaad!—En zal die overwinning van de Christelijke beschaving over de barbaar-sche wulpschheid als eene bloem groeien uit een der wreedste slachterijen welke de we-rcld ooit aanstaarde? — Wezenlijk Gods raadsbcsluiten zijn niet te doordringen. Hier, aan de zee schrijvend, komen de beelden aan de zee ontleend, als van zelf onder de pan. Wat is immers meer gelijk aan 't menschenleven dan de woelige oceaanPMaar zijn aile woeiingen der menschen als baren, dan komen zekere gewichtige en afdoende feitcn in de geschiedenis van 't -menschelijk geslacht voor, als grondbaren rijzend uit den diepsten afgron'l en des te wijder zwellend daar zij meer tijd noodig hadden om de opper-vlakte te bereiken. — Zoo is het met de ge-beurtenissen nu aan den gang. Ik had mij zoo dikwijls atgevraagd hoe deze overbeschaving waarover men zoo trotsch was, en die, vol-gens mij, naar afgronden van verval leidde, ,zou eindigen; hoe God zou ingrijpen in den gang eener wereld, die enkel mekanieken of intellectueelen vooruitgang meer duldde, eener beschaving waar geen plaats meer scheen over te blijven voor zedelijke kracht, voor kunst of godsdienst, voor 't ideaal. Het Romeinsche rijk, dit groote tijdperk van verval, was bézweken onder den schok, de everweldiging der barbaren. Waar, in onzen tijd, waren nog ongerepte barbaren, volke-ren onaangeroerd door den luwen adem der verouderde menschenkwalen? Angstige vraag: ran waar zou de redding komen?—*-En ziet, zij zijn gekomen, de reddende barbaren, niet uit woeste oorden, uit verafgele-gen stranden, uit oer-wouden of onbereikba-re wildernissen, maar uit geestelijke wilder-nissen: uit de koud-bevrozen streken van protestantism en ongeloof, uit de ongenees-fcare barbaarschheid eener afvallige overbeschaving. Als eenen vloed zijn zij gekomen, u.is hunne voorzangers van weleer, ailes ver-woestend, ailes vernielend, akkers en steden; kerkon en kunstgebouwen, de streken ach-ter'aich in puin en asch nalateude; doch, als ook zij zullen afgetrokken zijn, als een str«ôm die niet verder mag, zal, waar zij ge- treden hebben, een gezuiverd volk staan op een gereinigden bodem. Wat God bespoede ! * * * Intusschen heb ik het interessantste niet medegedeeld uit het door mij besproken artikel, namelijk dat nu reeds een akkoord be-staat tusschen Engeland en Rusland, waar-door de eerste mogendheid aan de tweede toelaat over Constantinopel de Middelland-sche zee te bereiken. Dat zou dus een einde stellen aan de steeds weerkeerende Oostersche vraag en, gelijk Belga besluit, wezenlijk een keerpunt zijn in de wereldgeschiede-nis.6 Maart, 1915. M. E. Belpaire. Nieuwe Lichting. Nu we, uit heel vertrouwbare bron beves-tiging hebben verkregen omirent de nieuwe 1 lichting, kunnen we hieronderstaande met [ zekerheid mede deelen. De Koning heeft deze dagen, op voorstel : van den ministerraad een wetbesluit geteekend, waarbij aile weerbare jonge mannen en deze die zouden getrouwd zijn na 15 Novem-' ber 1.1.; van 18 tôt 25 jaar opgeroepen wor-i den. Het contingent van de lichting voor 1915 be-grijpt dus, voor den duur van den oorlog, aile Belgen (lichtingen van 191I — 1912^—1913— 19I4 — 1915 — i9I6): i° die geboren zijn tusschen eer&t«ï» Janu-ari 1890 en 31 December 1896. î° die nog onder de wapens niet zijn en zich tegenwoordig in 't onbezette gedeelte van West-Vlaanderen alsook op Fransch of En-gelsch grondgebied beunden. Worden alleenlijk uitgesloten deze die of-wel voor den oorlog om lichamelijke oorzaak definitief afgekeurd werden, ofwel sedert den oorlog onbekwaam geacht werden, ofwel getrouwd zijn voor den 15 November 1914, ofwel maar 1,40 meten. De datum van oproeping alsook de plaat-sen van aangifte zullen later bekend gemaakt worden. Nach Paris ! Duitschlands Keizer liet vermanen: «Maak me vrij de wegenis die me leidt langs mooie lanen nach Paris, nach Paris! (1) Spoedig op! na vijîtien nachten moet een feestelijke disch ginder voor me staan te wachten in Paris, in Paris !» (2) Blij vertrokken dichte rangfen Duitsche troepen fier en frisch, lieten 't galmen in hun zangen :, nach Paris, nach Paris! Maar reeds aan de Luikerwallen sloeg het hun zoo deerlijk mis, vielen ze bij duizendtallen ! ah Paris, ah Paris ! Versche troepen aangetreden trokken op ter kerremis, door verwoeste dorpen, steden, nach Paris, nach Paris Zij 00k moesten ondervinden wondere vermoeienis, zonder wegen vrij te vinden nach Paris, nach Paris ! Vele duizenden versmoorden » kregen hun begravenis aan de lieve Aisneboorden : fûr Paris, fiir Paris. J Vele duizenden wat later vonden hunne dood gewis aan het breede Maroewster : iilr Paris, fûr Paris, Honderdduizenden meteenen leerden dat de weg niet is langs den smallen IJzer henen nach Paris, nach Paris. Zij die over 't water raakten gingen ter gevangenis, gingen vlugger dan ze haakten, nach Paris, nach Paris» Lang nog zaî de Keizer eten von dem schweinefleisch'saucis, eens, voor goed, 't diner vergeten von Paris, von Paris. Duitschers, hamert in uw kopjen in uw breede hengenis : geen weg loopt er voor de moffen tôt Paris, tôt Paris. Bij hun spel de Ketjes zingen, tôt der duitschers ergenis gaan we lijk de bochen gtngen : nach Paris, nach Paris. (3) B. (1) Parijs moet uitgesproken Pariss. ( 2)De Keizer hoopte den 15 Aug. in Parijs te dinee ren ( 3) De Ketjes, of(Brusselsche kapoenen) in hun spe roepen "naar Parijs" en trekken daarbij achteruit. Oorlogsnieu-ws. ÏÏESTELIJK FRONT. Opmerkelijk mag het wel geheeten wordei dat de duitsche berichten maar stelselmatij aile vorderingen van de bondgenooten, hoi klein 00k, verzwijgenof zelfs heel en altegen spreken. Dus moet er iets onder zitten, dat Duitsch land niet wil bekennen, en in dit geval staar we voor duitsche verliesen; of dat Duitsch land stelselmatig verdraait om de gemoederei langs gindsche zijde van den Yzer, Aisne er Elzas niet in beroeringte brengen. Dat ons offensief optreden wel degelijl voortgezet wordt, blijkt hieruit, dat we dage-lijks nieuw® aanwinsten, — al zijn deze ool plaatselijk — mogen bestatigen. Op heel het onmetelijk front ran aan dt Zee tôt aan de Vogeezen, worden de Duitschers aanhoudend bestookt, en hier 00k za het wel bewaarheid worden dat de aanhou-der winnen zal. Deze dagen mochten we het succès aan Belgische zijde aanstippen van het innemen van een kasteel langs Oud-Stuyvekenskerke, dat in eene belangrijke duitsche versterking was veranderd. De Engelschen mieken zich totaal meester van het dorp Nieuwcapelie, terwijl de Franschen hunne drukking bijzon-derlijk doen gevoelen langs de kai.ten van Verdun waar de duitsche vooruitspringende stelling van St. Mihicl ernstig bedreigd is. Dit worden al voorteekenen, dat we van nu voortaan ons optimist mogen toonen, zonder overdrijving natuurlijk, maar toch door gewettigde reden, die voortspruiten uit den toestand zelve en 't aanbreken van de Lente, tijdstip dat ons is beloofd geworden groot in glorie en overwinning, OOSTELIJK FRONT. De slag woedt voort met merkbaar voor-deel langs Russische zijde. Oogst 19x4 gaf ons den slag der vier Rivieren.De lente 1915 toont ons dezen der tien rivieren. Te Noor-den : de Niemen, de Bohr, de Narew en de Vistule ; in 'tmidden: de Bzura, de Rawka, de Pilika en de Nicka, ten zuiden: de Dryan-cc pnde S^n.Tegenwoordig zijnde vier Rivieren van 't noorden het tooneel van een Rus-sig tegenoffensief, de vier in 't midden krij-gen op hunne boorden heftige tegenaanval-len van weerskanten te zien e* op de twee in 't zuiden ontwikkelt zich een Autro-Duitsche offensief, Wat daar nu uit voortvloeien zal blijft tôt nog toe een raadsel, maar daar Grootvorst Nicolaas, opperbevelhebbçr aan Russische îîijde, 0115 reeds tôt driemaal toe een merk-waardige oplosser is gebleken van strategi-sche rebussen, mogen we verzekerd zijn dat 00k deze maal hij zijn uitweg vinden zal.Het-geen van nu af aan is te bemerken. OP ZEE. 0e duikbooten-bedreiging is deerlijk in.... 't water gevallen ! Nog amper hoort men er nu en dan van spreken. Begint men van Duitsche zijde in te zien dat de^e dpikbooten-oorlog juist het tegenovergestelde uitwerksel heeft teweeggebracht van wat men ervan hoopte ? Wel mogelijk. Doch de dwaasheid van de daad is nu begaan en wie er het meest door lijden zal, is wel Duitschland zelf. Aile toevoer wordt hem nu immers afgesnoerd. Laatste ÎBericliten. in tseigie. — tsesemenng van îyieuwpoori met ODussen van 42 ! Onze troepen hebben eenige vorderingen gemaakt al den kant van Dixmuide. Een engelsch smaldeel heeft Weslende gebormbardeerd. In de see-tor Yper hebben wij twee duitsche aanvallen op Zandvoorde afgeslagen. Verkenningen zijn tôt tegen de vijandelijke linies doorgedrongen en hebben loopgrachten in hunne nabijheid gegraven. In de streek van Nieuwkapelle hebben de Engelschen, na inneming van dit dorp, twee hevige duitsche aanvallen afgeweerd en nog 2500 meters loopgrachten gewonnen. In Champagne hebben we merkelijken vooruitgang gemaakt in - het bosch ten Westen Perthes. Deze vooruitgang, werd niettegenstaande i verwoedde en herhaalde tegenaanvallen, behouden. # In Argonne, streek van Four-de-Paris, hebben wij een bommenwer-per en een mitraljeuze buit gemaakt. In de Vogèezen hebben we een aanval op Reictiakerkopf afgeslagen. Oostelijk front. — Een verwoede veldslag is aan den gang tusschen de Niemen en de Vistule. De russische ruiterij miek eene duitsche ver-sterkingskolonne gevangen bij Augustovo, waar de terugtocht der Duitschers onvermijdelijk is. 1 Dardanellen. — Het vereenigd eskader is in de zeeëngte gedron-^ gen en heeft de stellingen bezet, daags te voren beschoten. Alhoewel de forten van Kilid-bachar tôt zwijgen gebracht werden en schijnen vernietigd te zijn, heeft de slagschepen de zeeëngte, om 4 uur 's namiddags, verlaten. 1 De Dardanellen doen aile dagen heel wa 1 inkt vloeien zoowel in de oorlogsvoerende al: 1 neutrale pers. En met reden ook. Het staat vooruitgaan der verbondene vloten laat aile : vooruitzichten open. De Russische vloot ii ' • de Zwarte zee is ook begonnen met de Turk-: sche havens te bombardeeren. Mogelijk ver-nemen we wel een dezer dagen dat 't kanon-; gebulder op den Bosphorus is gehoord. Hoe eerder de Dardanellen zullen zij» ge-forceerd, hoe eerder we nieuwe strijdmach-ten van nu nog neutrale landen in 't konflikt zullen zien treden, dit met een overgroot voordeel voor de Bondgenoten.Van betrouw-bare bron wordt gemeld dat bo.ooo fransche en Indische soldaten onder het bevel van den franschen generaal d'Amade op ontscheping | wachten. & België onder het Duitsche juk. Een Amerikaansche Correspondent, die kort geleden,door het bezette deel van Belgie reisde, geeft zijne indrukken in de " Times ". Gemakkelijk is het niet in België te ge-raken, zelfs met eene " Bescheinigung " onderteekend door den Duitschen Consul te Rotterdam. Aile vijf voet wordt ge door eene schildwacht opgehouden, en ge moogt van geluk spreken, indien ge niet voor de Kom-mandantur moet verschijnen wegens een of ander dat niet gansch in orde zou kunnen zijn in uw pas, en dat geeft gewoonlijk bij voorbaat een nacht in 't gevang. Toch al is uw pas nog zoo in orde, hij geeft doorgang in dat gedeelte van 't bezette land, dat oostwaarts ligt van eene lijn getrokken ten westen van Antwerpen en Brussel naar Bergen toe. Daar buiten ligt de militaire zone ; en men krijgt genoeg ellende te zien zonder daar binnen te dringen. Wat het meest opvalt, is het voikomen gémis aan spelende kinderen ; in gansch Belgiii is 'thetzelfde; men ziet geene kinderen meer spelen. Ook de menschen lachen niet meer : enkel glimlachen ze soms nog, als ze de Duitsche, Oostenrijksche en Turksche communiqués lezen, op straat aangeplakt tusschen de laatste verbotens en proclamaties, Want het Belgische volk gaat gebukt onder het juk, maar 't is niet onderworpen. Vroeger kon een vreemdeling twijfelen of er waarlijk vaderlandsche eensgezindheid be-stond in Belgie. 't Land 'leek soms wel op eene broeikast van nijverheid waaraan de nationaliteit een artificieel voortbrengsel was van de Europeesche politiek. En 't zou me-mand erg vervyonderd hebben, indien na vijf maanden oorlog, zijne werkzame vakmannen, fabrikanten, boeren, handelaars gebogen hadden voor den Caesar, met ten minste uitwen-dige vriendelijkheid, ter wille van persoonlijk profijt. Maar, niets van dien aard is gebeurd. 't Land is één in zijn verfoeiing van 't Duitsche juk; 't zij dat België's nationalism altijd L bestond; 't zij dat het geboren werd uit de i gruwelen van Leuven, 't bestaat nu; en ; eenieder kan enkel bestatigen dat overweldi-; ging en lijden geen ander uitwerksel hadden, 1 dan de liefde van 't Belgische volk voor zijn Koning en voor aile begrippen in dat woord gesloten, dieper wortels te doen schieten. " Wij weten hoe te Ijjden in België ", zegde een Belgische jurist. " Die eigenschap en ons onwrikbaar gehecht blyven aan onsen haard heeft ons recht gehouden de eeuwen door. Nu is een booswicht in onze woning gedrongen en heeft ons bjj de keel gegrepen. Hij kan ons verwurgen ofons langzaam doen verhongeren, maar kan ons niet dwingen ons onder te ge-ven. Neen, we zullen nooit vergeven ! " " Gy ook, dus, haat den overweldiger ? " Natuurlijk ! Voor den eersten keer van myn leven weet ik wat haat beteekent ; en zoo ook myne landgenooten. Ik begin deugd te hebben van mijnen haat. Y 1s een voorrecht van ons tegenwoordig leven. We kunnen niet op tafels en stoelen staan om onzen haat uit te bazuinen, gel jjk ze doen in de bierhuisen van Berlyn; maar niemand kan ons beletten den haat in ons hart te voeden. Ja,de Belgen haten de Duitsche overweldi-gers, en ze laten het hun voelen, op honderden wijzen. Als een Duitsch officier een stoel neemt, in café of restaurant, aan dezelfde tafel, als een Belg, dan staat deze op en gaat wat verder zitten. Stijgt een officier in een tram, dan trekken de damen achteruit, om hun kleed door zijn uniform niet te laten aan-raken, alsof zij bang waren voor ongedierte. Een officier verloor zelfs geduld en riep uit : "Madame, ik zal u niet bezoedelen ! " Ze wierp een blik op zijn uniform en trok nog wat verder achteruit; hij kreeg geen ander antwoord. In de kleine steden waar de Duitschers bij de burgers logeeren, moeten deze natuurlijk hunne onwelkomene gasten ten dienste staan. " Maar we laten hun toch wel weten wat we in 't hart dragen, zegde eene vrouw. " Eenigen willen vriendelijk zijn. Ze vertellen dat ze eene vrouw en kinderen 't huis hebben ; en wij zeggen dan : " Hoe blij zouden ze zija u terug te zien"! Waarom gaat ge niet naar huis ? " Eens werd er aan den Commandant van Gent gemeld, dat een oud man wapens ver-borgen hield in zijn huis. Een sergeant werd gezonden om het huis te onderzoeken. Onder-vraagd. antwoordde de grijsaard ! " Ja, mijn zoon heeft een geweer. " — " Waar is het ? " | — 44 In zijne handen op den Yzer, indien hij niet dood is. Ge kunt het daar gaan halen, Mijnheer. " De meeste Belgen dragen een zwart, geel en rood lintje, ofwel't portret van den Koning in 't knopsgat. 't Werd verboden de Belgische driekleur of 's Konings portret nog te dragen of te verkoopen. Maar 's ande-rendaags zag men ze nog even talrijk in de winkels, en vele Belgea droegen 't portret

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dit item is een uitgave in de reeks De Belgische standaard behorende tot de categorie Katholieke pers. Uitgegeven in De Panne van 1915 tot 1919.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Toevoegen aan collectie

Reacties 0

Meer reacties

Locatie

Periodes