De drukpers: officieel orgaan der Stedelijke Federatie van de Boek- en Druknijverheid van Gent

210 0
close

Waarom wilt u dit item rapporteren?

Opmerkingen

Verzenden
s.n. 1914, 01 Juni. De drukpers: officieel orgaan der Stedelijke Federatie van de Boek- en Druknijverheid van Gent. Geraadpleegd op 25 april 2019, op https://hetarchief.be/nl/pid/6h4cn6zn85/
Toon tekst

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

DE DRUKPERS Ofîioieei orpan nef siedeiijKB Feaeratie van ne BoeK- en Druknijveitieiii van fiant - VersGhijnt maamieiijM ABONNEMENTSPRIJS PER JAAR : België 1,50 Buitenland 2,50 Ailes Wat Redactie en Adminislratie betreft te zenden : VAN AK.ENSTRAAT, 8. — GENT. AANK.ONDIGINGEN : Volgens overeenkomst en voorop betaalbaar. Strijdt Voor een goed loon Hebt uwe va\vereeniging liej Werft nieuwe ledcn De vereenigingen bij de Stedelifce Fcderatie aangesloten, zijn verantwoor-delijk. Voor al hunne Wederzijdsche in-lasschingen. Een Luchtkasteel ? In de laatste algemeene vergadering van den Gentschen Boekdrukkersbond werd door den schatbewaarder lezing gegeven van het verslag over den geldelijken toestand der veresniging, gedurende het laatste halfjaar 1913. Eens te meer is het gebleken dat het lastig postje van kashouder in handen is van een vriend van orde, die klaarheid in de rekeningen als eene eerste vereischte beschouwt bij het beheeren van ons gemeenschappelijk kapitaal. Het is zooveel te aangenamer die stiptheid aan te merken, daar de uitgaven beneden het totaal bleven der inkomsten, en er dus voot de ver-loopen zes maanden een boni werd vasigesteld. 1s het aanmoedigend het aangroeien van ons bezit te bestatigen, we moeten nochtans erken-nen dat die aangroei uiterst gering en bovenaien enkel toevallig is, want in de laatste jaren sîoten de rekeningen herhaaldelijk met een tekort. Een feit dringt zich aan eenieders aandacht op : onze tegenwoordige inleg is nauwelijks voldoende om de gewone en bijgevolg niet te vermijden uitgaven te dekken. Wat zouden we in die voorwaarden beginnen moest eene buitengewone uitgave zich opdrin-gen ? Hoe zouden we met kracht eene prin-ciepskwestie verdedigen waaraan onze tegenwoordige levensvoorwaarden zijn verbonden ? Hoe zouden we onze makkers steunen door de weerbarstigheid van enkele patroons gedwon-gen tôt werkstaking over te gaan ? Wat zouden we aanvangen wanneer door de patroons tôt een algemeen lock-out moest worden besloten ? Pijnlijke vragen welke ieder van ons in verlegenheid brengen en waarop het antwoord slechts luiden kan : de kas uitputten. Natuurlijk iHoelang zou er evenwel te putten zijn in eene kas welke 10,000 frank bevat ? Na een paar weken algemeene onderstand ware onze schat verdwenen als sneeuw voor de zon. Niemand zal ontkennen nochtans dat ver-wikkelingen zich dagelijks kunnen voordoen, en de eenvoudigste voorzichtigheid raadt ons aan die verwikkelingen te voorzien en er ons op voor te bereiden. En hoe kunnen we ons toebereiden ? Enkel en alleen door het bemach-tigen van het wapen waarmede wij zelven gedurig worden bevochten : geld. Konden we een kapitaal verzamelen groot genoeg om het hoofd te bieden aan elken aanval, niet alleen gedurende enkele weken, maar zelfs gedurende verscheidene maanden, we zouden aile gebeur-tenissen, van welken aard ook zonder kommer kunnen te gemoet zien en door het doelmatig voorbereiden van den strijd zouden wij ons waarschijnlijk mogen verheugen in eenen duur-zamen vrede. Heden betaalt ieder van ons 50 centiemen per week om de gewone uitgaven te dekken, en bij elke gelegenheid moet die inleg worden verhoogd om in de eischen van het oogenblik te voorzien, zooals het nu juist het geval is. Moesten al de leden kunnen overtuigd worden om gedurende vijftien jaren eene bijge-voegde regelmatige opofïerin?' te doen van 50 centiemen, — waardoor de wekelijksche inleg op 1 frank zou gebracht worden, — we zouden een uitslag bekomen, welke eens te me^r bewijzen zou dat eendracht macht maakt. Laat ons een oogenblik veronderstellen — eene eenvoudige veronderstelling zal ons immers niet ruïneeren — dat wij nu werkelijk op 1 Januari 1915 aanvangen wekelijks 1 fr. te storten, en zien wij welken uitslag er zou bekomen worden op 31 December 1930. Die bijdrage van 1 frank verdeelen we in twee helften : 50 centiemen tôt het dekken der gewone uitgaven en 50 centiemen tôt het vor-men van een reserve-kapitaal, waaraan wij ook wel den naam kunnen geven van strijdfonds. Schatten wij ons huidig ledental op 350, dan maakt dit wekelijks eene te sparen som van fr. 0,50 x 350 = 175 fr.; storten we dien inleg 50 maal per jaar, dan komen we tôt eene som van : 175 x 50 = 8,750 frank. Worden die 8,750 fr. uitgezet aan 4 % — een intrest welke ten huidigen dage gemakkelijk wordt verkregen — dan zullen ze op het einde van het tweede jaar aangegroeid zijn tôt 9,100 fr.; waarbij wij opnieuw 8,750 fr. voegen gedurende den loop van het jaar ingelegd, zoodat we reeds : 9,100 + 8,750 = 17,850 fr. bezitten. Geplaatst in de zelfde voorwaarden groeit die som op hare beurt aan tôt 18,564 fr. op het einde van het derde jaar, bij zooverre dat het vierde jaar kan aangevangen worden met een kapitaal van : 18,564 + 8,750 = 27,314 fr. Wanneer er nu aldus kon worden voortge-gaan opvolgentlijk jaarlijks 8,750 fr. te voegen bij het voorgaande bezit, dan zouden wij ons na 15 jaren een kapitaal verzekeren van 180.000 fr. (honderd tachtig duizend frank) in ronde cijfers. Daarbij gevoegd ons tegenwoordig inkas (10,000 fr.) en de onvoorziene staartjes, zoo zouden we misschien ons reserve-fonds kunnen doen aangroeien tôt 200,000 fr. Twee honderd duizend frank ! Iedereen zal erkennen dat dit geen « klein bier » is. Met eene dergelijke som ware waarachtig iets te beginnen, en de patroons zouden zich waarschijnlijk tweemaaJ bedenken alvorens ons aan te durven. Laat ons nu eens veronderstellen dat een strijd uitbreekt, waarin aile vereenigden zonder onderscheid zijn betrokken en wien aantal we gerust binnen vijftien jaren op 400 mogen schatten, wanneer er rekening wordt gehouden van de gedurige toeneming van het aantal boekbewerkers gedurende de laatste jaren. Nemen we aan dat aan elk onzer 20 fr. per week worde uitgekeerd, dan zou die strijd eene wekelijksche uitgave vergen van fr.20 x 400 = 8,000 frank. Deelen we nu ons strijdfonds (200,000 fr.) door onze wekelijksche uitgave (8,000 fr.), dan zien we dat we gedurende 25 weken of bijna 6 maanden het hoofd zouden kunnen bieden aan elken aanval. Hierbij moet worden opgemerkt, dat het tôt hiertoe nooit voorkwam dat aile leden op hetzelfde oogenblik het werkhuis moesten verlaten en de duurtijd van den onderstand aldus nog zou kunnen verlengd worden. In plaats dus bij het begin der tweede week van strijd reeds verplicht te zijn de hand uit te steken om door anderen ondersteund te worden — zooals het nu het geval zou zijn, — zouden we zonder kommer voor 6 maanden verlof kunnen nemen met « solde, vleesch en brood ». Den strijd op zulke doeltreffende wijze voor-bereid hebbende, is het waarschijnlijk dat wij ons lange jaren in eenen gewenschten en heilzamen vrede zouden mogen verheugen, gedurende denwelken wij de vrushten van onze Qpofferingen zouden plukken. En ziehier nu het eigenaardige van het geval: dat kapitaal van 200,000 fr., geplaatst aan 4 % intrest, zou ons eene jaarlijksthe inkomst verzekeren van 8,000 fr., waarmede wij onze gewone uitgaven waarschijnlijk totaal zouden kunnen bestrijden. Een kapitaal bezittende tegen het naderen van beroerde tijden en onze uitgaven dekkende met onze intresten, zoo zouden we waarschijnlijk allen inleg kunnen afschaffen. En aldus zouden we als vakvereeniging van onze renten. leven, net als Rockefeller en Rothschild ! TIENDE JAARGANG. — Nr 2 10 CENTIEMEN HET EXEMPLAAR GENT, JUNI 1914

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dit item is een uitgave in de reeks De drukpers: officieel orgaan der Stedelijke Federatie van de Boek- en Druknijverheid van Gent behorende tot de categorie Socialistische pers. Uitgegeven in Gent van 1905 tot 1931.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Toevoegen aan collectie

Locatie

Periodes