De gazet van Leuven: weekblad voor het arrondissement Leuven

126 0
04 februari 1917
close

Waarom wilt u dit item rapporteren?

Opmerkingen

Verzenden
s.n. 1917, 04 Februari. De gazet van Leuven: weekblad voor het arrondissement Leuven. Geraadpleegd op 27 juni 2019, op https://hetarchief.be/nl/pid/jw86h4dm92/
Toon tekst

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

TweeClQ Jaargang , n1 5, Prijs per nummer : 5 centiemen. Zondasr, 4 Februari 1917. De Gazet van Leuven ABONNEMENTSPRIJS : Per jaar .... 2,50 fr. I Voor 6 maanden . . 1,25 îr. Voor 3 maanden . . 0,65 fr. Allé Briefwisseling te zenden : Naamsche Vest, 41, HEVERLEE (Leuven) Postcheck-rekenina- N1 242 Elke medewerker blijft verantwoordelijk voor zijn opstel. Ongeteekende brieven of bijdragen worden niei m aanmêrking genomen. Handschriften worden niet teruggegeven. AANKONDIGINGEN : Naarjovereenkomst. BOEKBESPREKING : Het inzenden van éér exemplaar geeft recht op vermelding ; twe< exemplaren op bespreking. Aan onze Âbonnenten. Het Beheer dringt er nog eens op aan dal de inschrijvers het bedrag van hun abonnement zonder verwijl zouden laten geworden, 't zij door opzenden van een postwissel, 't zij door storting op het te goed onzer postcheck-rekening nr 242. Economische toestanden in den loop der tijden, 6. Belgie onder de Habsburgers. De groote aardrijkskundige ontdekkingen in het begin van de Moderne tijden verplaats-ten het zwaartepunt van den handel van de Middellandsche zee naar den Atlantischen Oceaan. De Nederlanden werden hierdoor bizonder begunstigd : Antwerpen werd eene wereldmarkt. Met de Sinxenfoor in 1488 stel-den de Engelschen in onze eerste havenstad 26.000 stukken laken te koop. Keizer Maximi-liaan had eene bizondere genegenheid voot Antwerpen en schonk haar het stapelrecht voor aluin. Gent, Brugge en Sluis wilden zich tegen den grooten handel van Antwerpen ver-zetten, maar aile pogingen waren tevergeefs. Op het einde van de 15de eeuw zijn dan ook bijna al de vreemde handelaars van Brugge naar Antwerpen verhuisd. De Engelschcn kwamen er in massa naar toe in 1495, na hel sluiten van het eeuwigdurend handelsverdrag tusschen Hendrik Vil en Filips de Schoone gesloten. Portugeezen, Duitschers, Italianen verlieten het Venetië van het Noorden voor de koningin van de Schelde. In dien tijd werd Antwerpen ook eene werî van belang vooi aile slag van scheepsbouw. Antwerpen was. zooals de beroemde Italiaansche geschied-schrijver Guicciardini het betuigt, het gemeen schappelijk gebied van aile natiën geworden. De handelsbloei van Antwerpen droeg veel bij tôt de ontwikkeling van de nijverheid van gansch het land. Weliswaar kon het stedelijk stelsel der middeleeuwen zich niet meer staande houden, en werd het door het capita lisme vervangen, maar toch konden Doornik, Rijsel, Valencijn en Bergen nog goed voor der dag komen. In het Luiker land en in Limburg, maar vooral te Verviers en omstreken kwam de lakennijverheid stilaan vooruit, doch zondei de inrichting van de ambachten en van de middeleeuwsche voorrechten. In Vlaanderen, Brabant, Holland en Henegouwen werd de linnennijverheid uitgebreid ; de vlasteelt narr er eene groote ontwikkeling. Eene bizondere vermelding voor onze tapijtweverij : Oude-naarde, Aalst, Edingen, Doornik en Brussei genoten eene welverdiende faam door de smaak- en kunstvolle tapijten. Eene andere prachtnijverheid, het kantwerk, bereikte in de 16de eeuw een verbazenden bloei en bezigde arme werksters, die, zonder inrichting nocl: bescherming aan de uitbuiting der kooplieder overgeleverd waren. Het land van Namen werc door zijne ijzerertsgroeven en zijne hulpmid delen aan hout en water een uitverkoren lanc voor de smeden. Hier, zooals in 't land var Franchimont en in Henegouwen, was onze metaalnijverheid te danken aan de ontwikkeling van de kapitalistische ondernemingen er van den vrijen arbeid. Dinant, met zijne koper-nijverheid, gesteund op ouden slenter en onder kropen door Mechelen, ging ten onder. He ontginnen van de koollagen maakte vorderin gen o. m. door het gebruik van buskruit. De smeden te Luik hielden zich in de 16d' eeuw reeds druk bezig met het vervaardiger van vuurwapens. Te Antwerpen stichtte Plan tijn in 1550 zijne vermaarde drukkerij ; deze stad kreeg toen nog eene glasblazerij, eene diamantslijperij en eenige zouttuinen. De economische bedrijvigheid werd no£ drukker door het verbeteren der verkeermid delen : post- en openbare rijtuigen, de vaar van Willebroek, het kanaal van Terneuzen. Ir Holland en Zeeland legde men zich vooral of scheepvaart en landbouw toe, die beiden bloei den en welstand meebrachten. In het grootste deel der Nederlanden maak-ten bosch en heide plaats voor bouwland dat door de vrije, kapitalistische ontginning steeds in waarde steeg. Vlaanderen spande de kroon en werd een tuin in West-Europa. Veeteelt en paardenfokkerij trokken ook een aanzienlijk voordeel uit den vooruitgang van den landbouw. Hebben de eigenaars en de pachters voordeel getrokken uit den bloei van den landbouw en de veeteelt, zoo hadden zij dit vooral le danken aan de vrijmaking van den grond en aan het kapitalisme. De land-bouwwerklieden integendeel werden er niet door begunstigd, daar de werklieden over-vloedig en de loonen te laag waren. Tijdens de regeering van Keizer Karel V bereikte Antwerpen het toppunt van glans : Brugge, Verona. Venetië, Nuremberg en Augs-burg vervielen toen voor goed. In 1503 brach-ten de Portugeezen den handel van specerijen naar Antwerpen over. Deze stad werd de wereldmarkt door de prachtige ligging, door de vrijheid die er heerschte en niet het minst door den overvloed van kapitalen en het stich-ten van banken en handelshuizen door aile volkeren van belang. De zes groote natiën, met meer dan duizend handelaars, waren alsdan : de Engelschen, de Duitschers, de Denen (met de Hanzeaten), de Italianen, de fipanjaarden en de Pnrhig-e.p.zen J»»rlijks had er tusschen Antwerpen en Engeland wel voor 12 miljoen gouden kronen van dien tijd ver-handeling plaats. De Duitsche familiën Tucher, Welzer en Fugger waren schatrijk en leenden miljoen op miljoenen aan de vorsten Karel V, Philips II, Hendrik VIII, en Edouard VI. De Oosterlingen gingen stoetsgewijze naar de Dominikanenkerk met voorop een groep Duitsche muzikanten. De Italiaansche natie bestond vooral uit handelaars van Venetië, Genua, Milaan, Florence en Lucca, maar nog van Rome, Ancona, Bologna, Mantua, Verona, Brescia, Vicence, Modena, Napels, Messina en Palermo, enz. De meesle Italiaansche huizen waren bekend voor rijkdom en Oostersche pracht. Volgens Guicciardini zijn vele Ant-werpsche familiën ook zeer rijk, zelfs met enkele miljoenen bedeeld, spreken drie of vier ' talen, vrouwen inbegrepen, en wonderbaar genoeg, anderen spreken vijf, zes, ja zeven talen. De bijzonderste Anterwerpsche bankiers waren : Schetz (later d'Ursel), van Dale, van Ghemert, van Groenenberghe, van derMeeren, Pruyssen, délia Faille, Damman, Taets, Pels, enz... Frankrijk en Duitschland zonden elk jaar 40.000 stuks wijn, ieder, de Oosterlingen voor 1.680.000 kronen graan, de Italianen voor 3 miljoen zijden, fluweelen en gestikte stoffen, Spanje voor 800.000 kronen wijn en Portugal voor een miljoen specerijen. In 't begin van de 16de eeuw deed Antwerpen meer zaken in ééne maand dan Venetië in een jaar. (wordt voorqezet) Kater. . Winst of verlies. i 't Is bijna ongelooflijk hoe het meerendeel : der menschen spreken over oorlogstoestan-den. Ja, zelf zij die doorgaan voor ontwikkel-i den hebben er soms zulke aardige gedachten over dat men zich afvraagt of heel de wereld op weg is gek te worden. Zoo sprak ik over t enkele dagen nog met een zeer ontwikkeld man die bij hoog en laag staande hield dat een land er belang bij heeft zijn gebuur te ver-pletteren. Hij bracht daar, met veel gebaren, i zijn bewijzen bij, die hij wilde doorslaande maken met op tafel te donderen. Er zijn men-: schen die met zulke bewijzen opgezet zijn, ! maar er zijn gelukkig nog andere die overleg-gen. Wanneer ik hem nu bevestigde dat geen ; land van Europa er kan bij winnen een na-burig land met de wapens te verslaan, bezag t mijn tegenspreker me met groote oogen. i En nochtans, 't is gansch natuurlik. i Vooreerst, in wat bestaat de grootste rijkdom van een natie, zooniet in den persoonlijken eigendom 1.1. z., in wat de burgers bezitten. En wat bezitten de burgers ? Op weinig uit-zonderingen na, ailes wat in een land bestaat. Deze bezit huizen, gene landerijen, een derde heeft akties in koolmijnen of andere nijver-heidsondernemingen, en zoo is én grond én nijverheid én ailes in een land onder de burgers verdeeld, zoodat de Staat, als Staat,alleen leeft van belastingen door de bezitters betaald. Zoo is het nu in aile Europeesche landen. Nemen we nu twee machten, van kop toi teen gewapend, iets wat miljoenen en miljoenen gekost heeft en 0 fr. intrest opbrengt. Na lange jaren bewapening zoekt de eene of de andere macht een reden om oorlog te kunnen verklaren, en 't wordt oorlog. Beide machten strijden, verkwisten geld in overvloed en val-len, nalangvechten 't akkoord om weer vrede te sluiten. Ze zijn aile twee uitgeput en de overwinnaar vraagt enkele miljarden aan den overwonnene en neemt hem daarbij nog ver-scheidene provinciën af. 't Is weêr vrede. Wie heeft nu gewonnen. Geen van beide. Hoor maar. De gevraagde schatting kan nooit de onkosten van den oorlog en het verlies daar-door geleden overtreffen, want dan moest de overwinnaar fabelachtige en onmogelijke som-men vragen. Dan blijven nog de aangehechte provinciën. Deze brengen hoegenaamd niets bij, daar persoonlijken eigendom niet kan - -no-pqlag-eri wnrdpn_pn inisLde nprsnneti. de burgers zijn die de provincie bezitten. Nadeel kunnen ze opleveren en nadeel alleen, omdat de kosten van bestuur en bezetting stijgen. Wat men daarbij ook uit het oog niet mag verliezen is, dat in de hedendaagsche wereld aile landen onderling van elkander afhangen, 't zij voor nijverheidsvoorbrengse-len, 't zij voor voedingsmiddelen, en dat een lang stopzetten van die wederkeerigheid de landen schrikkelijk doet lijden. Moest, om verder te gaan, een mogendheid totaal ver-nietigd worden, dan zou de overwinnaar bijna onvermijdelijk ook ten gronde gaan na den oorlog, juist omdat hem zou ontbreken wal de vernietigde macht hem liet geworden, wat een levensader was die nu doorgesneden ligt. Deze enkele beschouwingen veranderden de zienswijze van mijn tegenspreker en nu spreekt hij heel wat gematigder over die zaken. WATE. FOLKLORE Wedervoorspellingen. Er is sneeuw, vorst en koude aanstaande, als : De vlam in den haard geweldig flikkert. Het hout gauw ontvlamt en zich gemakke-lijk in houtskool verzwart. De zon schijnt op O. L. V. Lichtmis. De zwaan in onze streken verschijnt. De mieren hunne nesten dieper in den grond boren. De wilde ganzen, eenden, spreeuwen ir grooter getal naar het Zuiden trekken. Het in den Winter bliksemt. In den Winter de wolken verdeeld zijn als wol op den rug der schapen. Men twee zonnen ontwaart. De grond wit opdroogt. De bieën vroeg den ingang van de korver dichter sluiten. De wind in het Oosten waait. De spikbloem ( doornbloem ) open hagelt (Budingen. De kat met den staart naar het vuur gaa zitten. (Diepenbeek. De blauwe steenen nat worden : teeker van dooi. (Vlijtingen/ Het in den Winter over dag hagelt. (Bouwel.) De sterren des avonds meer flikkerend zijn (Middelkerke.) Blauwe vlammen in het vuur zichtbaar zijn (Beersse.) DON JOSÉ. IETS VOOR IEDERE WEEK Liefdadigheid. Nemo dat quod non habet. Wij hebben misschien nooit een oogenblik beleefd waarop de nood zoo dringend was als nu : een gure winter, het stilleggen van elken arbeid, gebrek in het huishouden ! De spaarcentjes zijn sinds lang verdwenen en nu komt de wanhopige strijd tegen heimelijke onoverwinbare vijanden : de bittere koude, den knellenden honger, een beurs zonder centen en een hart zonder hoop. Ik sprak over die droeve dingen met mijn vriend Zalfmans en, tôt mijne groote verwon-dering, liet hij zich uit als volgt : « - Ik ben het oprecht moe nog eene hel-» pende hand uit te steken. Men hangt den » ganschen dag aan mijne bel, men vergt in-» schrijvingen voor goede werken, men dringt » u kaarten op voor zes en twintig verschil-» lende vertooningen. Moest men in een aanval » van barmhartigheid of in eene liefdadigheids-» crisis in ailes toestemmen wat u wordt afge-» bedeld, men zou er, jandorie, eene gansche » jaarwedde bij inschieten ! » — Mijn waarde Zalfmans, zulk een taal » had ik van u niet verwacht, en .... » — Niet te rap, Ibo ! Ik heb nooit beweerd » fW ilr Hp mcmcrhpti nipt wil vnnrthplnen in » de maat van mijn vermogen. Maar het geld » dat ik weg geef is mijn geld ; ik heb dus wel » het recht eens na te zien wat er met mijne » aalmoes gebeurt. » — Welnu ? » — Welnu in al die werken, in al die ver-» vertooningen, blijft er te veel geld plakken » aan kosten van drukwerk, publiciteit, en op-» voering, en de behoeftige krijgt het ramp-» zalig overschot ! » — Maar Zalfmans, jongen, weet gij dan » niet welke sommen aan behoeftigen reeds » werden overhandigd ... » — Niemand betwist dat. — Maar als ik aan » een arme mijner buurt een frank geef, dan » weet ik dat hij er voor een frank genot van » heeft ; ik weet waar mijn geld heen trekt en » of het goed besteed wordt. Geef ik het inte-» gendeel aan een der werken waarvan gij een » voorstander zijt, dan blijven er van mijn frank » zeventig centiemen over, en die worden uit-» gedeeld aan iemand dien ik van haar of pluim » en ken. En daarbij, Ibo, ik biecht rechtuit : » ik heb een hekel aan al die heertjes en » dametjes die zoo kakelen rond al die werken. » Dat ze in hun zak schieten, jandorie, en be-» talen zooals ik doe, in plaats van te zorgen » lijk nuttelooze bijen dife dan toch het paard » niet op den steenweg zullen helpen ». Vriend lezer, ik heb Zalfmans laten praten ; veel kon ik hem antwoorden, maar Zalfmans is koppig en blijft bij zijne gedachten. Ik zou met hem moeten redetwisten over officieële en private liefdadigheid en dit vraagstuk is al te kiesch om zoo maar voor de vuist te worden behandeld. Doch als iedereen zoo goed zijn plicht van menschlievendheid vervulde als mijn vriend Zalfmans, dan zou de zaak in orde 1 komen. Immers hij beknibbelt en keurt af, maar hij is voor vele sukkelaars een wel-doener. Hij maakt deel uit van geen enkele Commissie ; zijn naam staat op geen enkel plakbrief te pronken en hem is om luidruch-tige burgerlijke solidariteit geen decoratie be-loofd ; zijne liefdadigheid is nederig maar vrijgevig, en meer dan eens gaf hij aan anderen 1 wat hij zelf best gebruiken kon. Nooit heeft hij : van die ellendige voorwendsels uitgezocht 1 waarachter vele burgerlijk gebuikte ikzuch-1 tigen hunne wrekkige gierigheid verschuilen : 1 Omdat er tusschen de gebreklijdenden soms een tusschen loopt die de ontvangen almoes tegen een glas bier verruilt, gaan zij prediken dat « aile schooiers dronkemans zijn » ; omdat zij een arm kindje gezien hebben dat voor een paar centen muntebollen versnoeperde, geven zij aan geene kleine meisjes meer, en om aan aile misbruiken voor goed een einde te maken hebben zij plechtig verklaard : « Wij geven

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dit item is een uitgave in de reeks De gazet van Leuven: weekblad voor het arrondissement Leuven behorende tot de categorie Oorlogspers. Uitgegeven in Leuven van 1916 tot 1918.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Toevoegen aan collectie

Locatie

Periodes