Het Brugsch dagblad

196 0
25 september 1918
close

Waarom wilt u dit item rapporteren?

Opmerkingen

Verzenden
s.n. 1918, 25 September. Het Brugsch dagblad. Geraadpleegd op 19 juni 2019, op https://hetarchief.be/nl/pid/6688g8g50c/
Toon tekst

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Prijs per nummer : 7 centiemen. Woensdag 25 September 1918. — Ie jaargang. — Nr 1. Verschijnt dagelijks. Âan de Bevolking Heden, bij de verschijning, achten wij alleen noodzakelijk dat wij laten kennen de redens van het bestaan van ons blad, het doel, dat het nastreven zal, en de gedragslijn die het daarvoor volgen wil. Onze medeburgers hebben, onzes inziens, recht op die uitleggingen, van het eerste nummer dat het licht ziet. * Reden van bestaan Vier lange, bange jaren duurt thans de oorlog. 't Waren vier schrikkelijke jaren van rampspoed en ellende. Geen mensch kan beschrijven de ontzaggelijke verwoestingen die de vreeselijke geesel in ons vader-land veroorzaakt heeft, op aile gebied, in stoffelijk, in zedelijk, in geestelijk opzicht. Op stoffelijk gebied is in menig gewest de hand aan 't werk geslagen om uit de vervallen of nog rookende puinen te redden wat nog te redden viel. In de maat, die mogelijk was, heeft men daar, al-thans voorloopig, getracht de geledene schade te herstellen. En is het werk, dat uit dien hoofde nog te doen valt, reusachtig, onmetelijk is het toch niet. Hetzelfde, meenen wij, kan niet gezegd worden van de zedelijke en geestelijke ruïnen, die in hart en brein van ons volk voortgebracht zijn. Dit kwaad is onherstelbaar, eilaas. Ongelukkiglijk, die zedelijke en geestelijke ruïnen hoopen zich nog dagelijks op, en aile menschen, rechtgeaard en goed van wil en zin, treuren dagelijks over dit rampzalige weê, dat de bevolking van ons geliefde vaderland getroffen heeft. Wij gelooven niet dat iemand ons zal tegenspreken als wij zeggen dat onze provincie Westvlaanderen de ergste beproefd is geworden door die verwoestingen, en nog dagelijks geteisterd wordt. Wij gelooven ook niet dat iemand ons zal leugen-achtig maken als wij beweren dat onze provincie, tôt den dag van heden, minst medegedeeld heeft van de loffelijke pogingen, die gedaan zijn om leniging in het gestichte kwaad, en herstel van de geledene schade te verwekken. Oh ! wij weten het wel : de omstandigheden zijn zoo droevig gesteld en die zou willen vermag niet altijd te doen wat hij diensaangaande wel kunnen zou. Wij beseffen het ten voile. En juist daarom, vatten wij met lietde en toewijding de taak aan, die we op onze schouders genomen hebben, nu we overgegaan zijn tôt de stichting van een dagblad, dat eene groote onderneming is, maar een machtig tuig om te werken voor het welzijn van ons volk. Westvlaanderen had, vô6r den oorlog, talrijke dag- en nieuwsbladen. Het heeft geen meer sedert de vervloekte geesel onze streek getroffen heeft. De andere provincien hebben nimmerhunne bladen gemist. Moet onze gouw in de verlatenheid blijven liggen, en vergaan ? Westvlaanderen is eene eigene provincie, het west-vlaamsche volk is een eigenaardig volk, het heeft zijn bijzonder karakter, het lijdt en zucht onder de rampen, het heeft bijzondere nooden, zijne bijzondere behoeften ; het veld voor wezenlijk volksgezinde werking is dus uitgestrekt, de grond ligt nu jaren braak, welaan, de handen uit de mouwen, aan den arbeid, het werk zal vruchten dragen. Westvlaanderen hebbe zijn dagblad, zijn eigen tolk : Het Brugsch Dagblad. * DOEL De redens van bestaan van 't blad hebben reeds in hoofdzaak zijn doel geschetst. Wij hebben geen afbrekerswerk in 't zicht. Daarvoor beminnen wij ons land en ons volk te innig, te diep. Wij willen opbouwen. Het Brugsch Dagblad is vlaamsch. Kunnen we tôt ons volk eene andere taal spreken, als wij het wezenlijk willen onderrichten, helpen, opbeuren ? Het Brugsch Dagblad is vlaamschgezind. Kan een mensch, die eer'.ijk en rechtzinnig is, het verkeerd vinden of kwalijk nemen, dat wij de rechten van onze taal voorstaan ? Die rechten zijn onvervreemd-baar, door niets. Die rechten worden overigens door niemand, nog eens die eerlijk en rechtzinnig is, ge-loochend. Die rechten hebben we gehandhaafd vôôr den oorlog, wij handhaven ze nu nog tijdens den oorlog ; en als God ons 't leven laat, wij zullen ze nog handhaven na den oorlog. De taal van 't volk is Vlaamsch en die ze miskent of veracht, miskent en veracht het volk zelve. Men begrijpe ons goed : in onze liefde, in onze genegenheid, in onze gehechtheid aan onze taal, ligt niet de minste krenking of miskenning voor de taal van de Waalsche bevolking van Belgie of van vreem-de volkeren. De Walen hebben hunne rechten, hunne onbe-twistbare rechten en wij zouden het de grootste on-rechtvaardigheid heeten, als men zou willen die rechten loochenen, miskennen of onder de voeten trappen. In al de scholen, zoo Staats- als vrije gestichten, leert men vreemde talen : Fransch, Engelsch, Duitsch en nog andere. Goed zoo, zeggen we. We keuren dat ten voile goed, wij loven en prijzen dat en zeggen tôt onze medeburgers : leert en studeert die vreemde talen. Hoe meer talen men kent en spreekt, hoe meer men mensch is, beweerde over eeuwen reeds de wijze en beroemde Keizer Karel. Maar onze eigene taal afgaan voor eene andere, voor eene vreemde, gelijk dewelke, dat nooit, Wij plegen geen zelfmoord. Ons doel is opbouwen: Dat is ons vlaamsche volk verheffen : geestelijk, zedelijk, stoffelijk. Daartoe is de taal de machtige hefboom en zonder dien moeten aile pogingen, aile inspaniiingen, aile arbeid, hoe groot en hoe machtig en hoe loffelijk ook, jammerlijk schipbreuk lijden. 't Is ongelukkiglijk eene bekende waarheid en 't schaamrood komt ons op de wangen bij de be-kentenis, dat ons geliefde vlaamsche volk ver ten achteren is bij andere beschaafde volkeren. De statistieken der ongeletterden zijn opgemaakt in aile landen. Bij ons krioelen nog die ongeletterden, terwijl in al de andere landen, die in vroegere eeuwen nevens of na ons stonden, in Holland, Frankrijk , Engeland , Duitschland , Zwitserland , Denemarken, Zweden, Noorwegen, enz. de ongeletterden nog de uitneming zijn. En wij zwijgen nog van den graad van geleerdheid en ontwikkeling in de wetenschappen die bij ons zoo bedroevend laag staat ! De zedelijkheid is bij ons erg gesteld. Moeten wij meer doen dan wijzen op het zoo bedroevend en beteekenisvolle schouwspel, dat wij aile dagen onder onze oogen hebben, en het stelsel der laffe naam-looze brieven, waar wij onze medeburgers dagelijks hooren van klagen ! Wat de stoffelijke ondergeschiktheid aangaat, als bewijs gelde alleen het woord van onzen ouden wijzen koning Leopold II : Belgie is het wereldbe-kende land der lage loonen en der lange werkdagen. Welnu : die hart heeft, zegge met ons : Wij willen die ellendige toestanden verbeteren. * Gedragslijn De oorlog heeft lang gediiurd en wij verhopen, en wenschen het uit den grond van ons hart, dat het einde nadert. Bij het uitgeven van Het Brugsch Dagblad denken we aan vrede. Het uitzicht op vrede heeft gansch de wereld door de gemoederen opgewekt. Bereiden wij ons voor dien gezegenden dag, zoo luidt de algemeene roep. Overal spreekt men gelijk : geen oogenblik mogen we uitstellen, want het werk is grootsch en de taak onafzienbaar. In aile landen, die in den oorlog zijn, zijn reeds maatregels getroffen van hooger hand om de nadeelen te keer te gaan, die uit den oorlog voortgesproten zijn en nog voortspruiten zullerr. In Engeland, in Duitschland, in Frankrijk enz. zijn commissiên ingericht, van officieele zijde en bijzondere belanghebbenden, zijn studiecomiteiten gevormd, worden voordrachten gegeven, schrijven de dagbladen om het volk in te lichten over zijne onmiddellijke noodwendigheden en over die, in dewelke best na den oorlog zal kunnen voorzien worden om handel en nijveiheid herop te knappen, en volkswelvaart herin te voeren. En wij, wat doen wij ? In de mate zijner krachten, wil Het Brugsch Dagblad het zijne in dit lands- en volkslievende werk bijbrengen. Het Brugsch Dagblad wil dat doen in voile vrijheid en onafhankelijkheid, in zoover de bijzondere toestand van ons land ons zulks doenlijk maken. Het Brugsch Dagblad is een vrij en onafhanke-lijk blad, in dien zin dat het van geene politieke partij afhangt, noch tôt een groep of schakeering van groep, in Belgie bestaande, behoort. Is dat klaar ? Het Brugsch Dagblad heeft eerbied voor den godsdienst onzer vaderen, den godsdienst van ons katholieke volk, en zal tevens bewijzen dat verdraag-zaamheid voor hem geen ijdel woord is. Het Brugsch Dagblad zal den godsvrede eer-biedigen. De godsvrede onder de partijen ontstond in 't algemeen bij het losbreken van den oorlog,

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dit item is een uitgave in de reeks Het Brugsch dagblad behorende tot de categorie Gecensureerde pers. Uitgegeven in Brugge van 1918 tot onbepaald.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Toevoegen aan collectie

Locatie

Periodes