Ons Vlaanderen

159627 0
03 februari 1917
close

Waarom wilt u dit item rapporteren?

Opmerkingen

Verzenden
s.n. 1917, 03 Februari. Ons Vlaanderen. Geraadpleegd op 25 juni 2019, op https://hetarchief.be/nl/pid/nk3610x42c/
Toon tekst

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

perde Ja - N* 50 Prijs : 10 Centlem per Nummei ONS VLAANDEREN TE GENT : 24, Wellinckstraat. VERSGHIJNT ELKEN ZATERDAG TE PARUS : 181, Rue de Charonne, ABONNEMENTSPRIJS, : Voor België en Frankrijk : Voor een jaar frs. 5.00 Voor zcs maand » S 00 Voor drij maand .... » 2.00 Buiten Frankrijk j Voor een jaar » 8.00 DOOR EENDRACHT STERK ! • > ' l AANKONDIGINGEN : Tien i'rank voor eerste opname, - . Voor versckaidene opnamen : Prijs volgens overeenkomst. De Comedie blijft duren 4 Van welingelichte zijde vernemen wij dat de Duitschers hun werk van twist en tweedracht willen voortzet-teiî in het bezette gebied en tbans maatregelen genomen hebben om Bel-giç niet alleen bestuurlijk maar ook politiek te splitsen. De bestuurlijke âcheiding, welke op dit oogenblik een voldongen feit is, zou aangevuld worden door een politieke herinrich-ting van liet voormalige Belgisch Staatswezen. Er zou sprake zijn van het tôt stand brengen van een wet-gevende en uitvoerende afzonderlijke macht voor het Waalsch en het Ylaamsch gedeelte van het land. De Vlaamsche provincies zouden dus een afzonderlijken staat vormen met eigen parlement en eigen ministerie. Uit bevoegde bron deelt men ons mede dat dit ministerie reeds gevormd en samengesteld is. Pieter Tack zou eerste minister worden, Vernieuwe, minister van Landbouw ; Verhees, minister van Arbeid en Nijverheid ; Breys, Bo'rms, Brûlez en een paar andereu zouden eveneens aan het hoofd van een ministerieel département geplaatst worden. Meer weten wij er op dit oogenblik niet over, doch het volstaat om ons klaar en duidtlijk het doelvoor oi gen te leggen dat de duitschers met deze benoemingen nastreven. Made in Germany Want het zij hier nogmaals gezegd : dat is geen Vlaamsch doch uitsluitend Duitsch werk, made in Germany ! De moffen hebben eindelijk eenige hand-langers gevonden die zic'h voor een iandvol goud hebben laten omkoopen om den vijand te dienen. Zij willen thans op Vlaamsch België hetzelfde stelsel toepassen dat zij in Polen, Koerland en Lithauen beproefd hebben. Zij willen een zoogenaamden Vlaamsche Staat in 't leven roepen waarvan eenige hunner creaturen de leiding in handen zullen nemen. Nadat zij een schijn-ministerie zullen gevormd hebben, zullen zij eveneens een parlement trachten samen te stel-len. Welke waarde zulk een parlement zal hebben, behoefd niet betoogd te worden. Van eigenlijke verkiezingen,; zal er natuurlijk geen sprake zijn ; hij die in 't bezette gebied zijn stem durft verheffen tegeii de maatregelen der Duitschers, wordt onmeedoogend gevangen gezet of naar Moffrika ge-vuèrd. De hierboven aangeduide ministers (?) zullen natuurlijk al doen wat mogelijk is om eenige aanhangers te winnen. Zij zullen plaatsen uitdeelen aan al degenen die hun een g'reintje sympathie betuigen. En ingeval er verkiezingen plaats grijpen dan zullen zij met een politiek programma voor den dag komen waarvan ondui-delijkheid en slagwoorden de hoofd-kenmerken zullen vormen. Zij zullen natuurlijk beweren dat zij voor-staanders zijn van onmiddelijken vrede, dat zij strijden voor de onafhankelijkheid van het land, enz enz. Zij zullen niet nalaten de ellende uit te buiten, waarin bet Btlgisch volk door de schuld der duitschers verkeert ; zij zullen de Belgische Regeering verantwoordelijk stellen voor al hetgeen de bevolking geleden heeft. Of zij echter veel bijval zullen hebben, valt grootelijks te betwijfelen. De haat tegen de duit-scheis is te diep in het hart der Via mingen geankerd dan dat deze de minste sympathie zouden gevoelen voor de trawanten hunner beulen. Het doel der duitschers Het blijft echter mogelijk dat dank zij deduilsche macht en gedwongen door ellende of uit vrees voor straf, eenige zeldzame Vlamingen het gedrag dezer comedianten goedkeuren, dan zulJen deze zege kraaien en zich aanstellen aïs de wettelijke vertegenwoordigers van het Vlaamsche volk. En dat is het wat de duitschers verlangen. 9 ' Evenals in Polen, Lithauen en Koerland zal er een parlement bijeengeroe-pen en een voorloopige regeering aangesteld worden.De duitschers zullen aldus iemand gevonden hebben met wien zij kunnen onderhandelen en dat is hun voldoende. Niet om Vlaanderen of België is het hun te doen. Neen, zij verlangen enkel eenige creaturen te hebben, die ze bij eventueele vredes-onderhandelingen aan het buitenland kunnen voorstellen als zijnde de vertegenwoordigers van het Vlaamsche volk. Deze afvalligcn zullen natuurlijk ailes doen en toegeven wat hunne duitsche meesters vragen, daarvoor worden ze immers betaald. Moest het gebeuren dat ze een beetje onafhanke-lijk wilden optreden, dan zouden de moffen ze dadelijk aizetten en door anderen vervangen. Zulks gebeurde onlangs nog in Polen. Tôt de buiten-wereld zal Duitschland echter eene andere taal voeren ; het zal zijn be-zoldigde handlangers manifesten doen uitvaardigen waarin de Belgische Regeering vervallen wordt verklaard, waarin de onafhankelijkheid van den Staat Vlaanderen wordt uitgeroepen, waarin Duitschland als de grootmoe-dige beschcrmer van het Vlaamsche broedervolk (!) wordt genoemd, enz. enz. Wij hebben deze comedie reeds te dikwijls zien spelen tijdens dezen oorlog om er niet aile bedrijven van te kennen. Mannen als Tack, Vernieuwe, Verhees, enz. welke sedert het begin van den oorlog voor de duitschers kruipen, zullen voor geen enkele laag-heid terugdeinzen. Hun beruchte tocht naar Berlijn heeft obs vroeger reeds duidelijk aangetoond dat zij tôt elke ploertenstreek in staat zijn. De val is nabij Duitechland meent thans het lot van België in handen te hebben ; het denkt door het drijven van enkele verdwaalden zijn bedekt doch wezen-lijk bestaande annexatieplan ditmaal te kunnen uitvoeren, Het vergist zich echter deerlijk. De Vlamingen zijn nog niet rijp voor slavernij. De zoo heerlijke Vlaamsche Beweging heeft te zeer ons stambewustzijn wakker geschud dan dat ons thans zoo ver-drukte volk zich door het verraad van enkelen zou laten meesleepen, Zoolang de duitsche bezetting duurt, kunnen de moffen hun plannen door-drijven doch van langen duur zullen zij niet wezen. De tijd is nakend waarop het duitsche militarisme er-barmelijk ineen zal storten en in zijn val zal verpletteren al degenen die erin geloofd en eraan meegewerkt hebben. Onze heldhaftige jongens die sedert bijna vier jaar lijden en strijden voor het goede recht van België, zullen weldra de zoete vreugde smaken den laatsten Pruis over den Rijn te jagen. Deze harde strijd heeft hun Vlaamschgezindheid versterkt, ver-diept. Zij dulden echter niet dat Duitschland na hun volk gemarteld, hun land verwoest te hebben, nu uit eigen belang zich met hunne zaken komt bemoeien. Nooit hebben de Vlamingen vreemde inmenging verdra-gen. Zij dulden evenmin dat een Tack. een Vernieuwe, een Verhees welke zich vôôr den oorlog bijna nooit met Vlaamscge Beweging bezighielden. nu opeens als leiders optreden. Hunne te lang onthouden Vlaamsche rechten zullen ze bij hun terugkeer in België niet meer afbedelen doch opeischen. De Belgische pers welke tijdens den oorlog dën spot gedreven heeft met hunne taalrechten, zal niet ongestraft blijven : ook zij zal haar deel krijgen evenals de politiekers en de overheids-personen die door hun kortzichtig en onrechtvaardig optreden het leven onzer jongens zoo onaangenaam ge-maakt hebben. Iedereen zal na den oorlog moeten rekenschap geven van zijne daden : onze Regeering zal in de eerste plaats moeten verantwoorden voor al hetgeen zij gedaan of liever niet gedaan heeft om de rechten der -ir«r?arramfr* »rsaMatua HH Vlamingen te doen eerbiedigen. Zij echter die met den vijand geheuld hebbeu zullen geen medelijden vinden en de recl.tvaardige straf oirtvangffln voor de misdaden die zij tegen hun volk bedreven hebben . Evenals elke partij, heeft de Vlaamsche Beweging onzuivere elementen. Het drijven dezei laatsten werd nog vergemakkelijkt door de biindheid van zekere personen wier plicht het nochtans was in de bres te springen voor de Vlamingen doch die steeds doof gebleven zijn voor aile rechtmatige klachten. Zoodra onze heldhaftige jongens in CR.i - iahd zullen weergekeerd zijn.zullen z'j al deze onzuivere elementen uit hunne rangen verwijderen en met vernieuvvden ijver de hand aan het werk slaan om het dierbaar Vlaanderen al zijnrechten te verschaffen opdat het alzijdig kunne herleven en op-bloeien in een vrij en onafhankelijk België.- Vlaming. DICKEBUSCH Het vreedzaam dorp Niet verre van den Kemmelberg, op een uurke gaans ten zuiden weg, van Yperen in Westvlaamsch België, daar lag, nederig en lief, het vreedzaam dorp, Dickebusch bij name. Het was als een weelderig hof waar malsche weiden en rijkbevruchte vel-den zich onderling afwisselden. Een vijftigtal pachthoeven, met mindere of breedere landerijen van 15 tôt 35 hectaren ruimte stonden er lachend omringd van werkmanswoningen. 't Zij eenzaam, 't zij in knokken of vlaamsche munten, door het volk niet onwijs gedoopt : Hallebast of Millecruisse, Canada of St. Hubrechts' Paddebroeck, den Hert of het Torreel, Razelpuid of Molenwal. Diepe weg in de smalle Kerkstraat, rechtover de oude Pastorie, door Eerw. Pastor Hoeke tôt een prettig klooster herschapen, pronkte de schoone dorps-kerk waarover Sint Donatus waakte. De hoogkerk of altaarkooren dagtee-kenden uit de 17e eeuw, daar het overige na den brand in 1770 of na-derhand was herbouwd geweest. Doch enkel in 1911 wierd er groote herstelling bewrocht ten prijze van ruim 30.000 frank. Lief en streelend wenkte nu de overheerlijke kerk ons -christen volk tegen, tevens zoo preutsch! over zijn godshuis, en zoo trotsch over de .sprekende brandven-sters die, in 12 gotische tafereelen het leven van den goddelijken Meester lieten pralen. Biechtstoelen, zitbanken en predik-stoel waren als kunstwerken van weorde kundig bewrocht en besneden. Het hoog altaar, uit massief Italiaansch marber gesmukt, herkomstig uit den choor der Bisschoppelijke hoofdkerk van Brugge, was er een echt praal-stuk. 'T enden de kerk onder den liefspringenden toren, wiens naalde tôt 52 m. hoogte uit vier hoektorentjes opgerezen naar den Hemel wees, rolde graag een kundig uurwerk dat, auto-mat iek, de morgen- en avondklokke luiden deed, bij den verwisselenden zwier van den schoonen kerkorgel, laatste gif te van pastor Lenoir, zaliger gedachtenis. Wie ter wereld hadde er ooit ge-dacht, dat dit nederig oord van vrede en stil landsleven, enkel nu en dan doorstriemd door bliksemfitsen van nijdigheid onder gezinnen van gelij-kende belangen, of door wraakflitsen van erbarmelijke landspolitieke, wie dan, zeg ik, zou er ooit voorzien hebben dat zoo een gedoken en nederig dorpje zoude ongenadig plat-geschoten worden onder het moordadig staal van den oorlog ? Met Baemisse 1914 Het was in Baemisse van 't jaar 1914. De duitsche in val lag vertakkeld langs de Marne door den Godsklop die Europa vrij waarde. De duitsche leger-machten stonden hervormd, gereed tôt eene tweede nederlaag, in de Yzerlanken van Vlaanderen. Als wakende lijfwacht dichte bij de strijdvelden, zoo bood Dickebusch aan onze légers, voor hun veldge-schut, zijn uitgestrekte vijverwallen, met 5O hectaren watervlakte. Onze Leeuw zou daar op loer liggen . Op zekeren dag, 8° in Baemisse rond vespereitijd van ten vieren, lun-derde al met eenseen rollende kanon-schote. De ruiten daverden in 't raam- glas en het bloed verschoot rond ons hert meteen. Ze zijn daar — daar zijn de duitschers — zoo klonk de nood-hoorn over den lande. Als wilde roofdieren, met bloedgie-rige oogen uit renplaatsenuitgestormd, zoo kwamen de duitschers op ons af in luidruchtige stormloop en gelijk aile bandieten doen om vrees in te jagen,zoo gaven zebij kanongebulder, wilde konde van hun bezoek. Het duitsche gaspuia i» dââr Ze waren 12 000 mannen, peerde-of voetknapen, wiel- of stoomrijders, met tailooze ri j - en oorlogsgetuigen. Bij hunne intrede in Dickebusch, een onzer trouv/ste vrienden, met de beste meening bezield, durfde er de klokke luiden om naar gewoonte, het volk naar het lof te roepen ter kerke. Die klokslagen brachtén in 't volk, inbeelding en vrees in 't koortsachtig w'erkën. Ach, zondtr twijfel was het klokkengeliu door de duitschers ver-boden, zonder twijfel zoude hunne half tngesluimeide wraakwoede wakker schieten, en dan ? O dan, wee aan onzen Herder... Ze zullen hem betieb-ten van de noodklokke bevolen te hebben om zijn volk op te ruien... Wee onzen Herder, wee hem die ze zit af te wachten in zijn stille werk-kamer.. Zonder dralen liep een be-vreesde vriend naar de pastorie, bij koortsachtig hand snakte hij de belle af en 't enden adem, bij tranen die smeekten, — haast u, mijnheer Pastor, haast u, ze komen achter u, vlucht weg, loopt u verbergen. — Helaas, wat vermocht de priester ? Wat vermocht hij zoo wel, toen de vijand op 300 meters af van hem was ? Doch, onder den indruk van den be-vreesden jongman, die immer herhaal-de red u, ik bid er om, want de klok heeft u verloren .., zoo stemde de priester eindelijk toe, en tegen hert en wille .. Het kon waarheid zijn. Ijling liep hij zich wegschuilen een vijftig meters verder, bij eenen doodarmen weikman, Livijn Accou. Verdoken ! Daar, in de armzaligste woning zijner parochie, zat de pastor wegge-borgen, in den schoot der goddelijke Voorzienigheid. Onderwijle zochten de duitschers, met dolle woede in woord en wezen, met den i revolver » of handgeschot in de vuisten, in aile hoeken en kanten der pastorie, der kerk en der burger-huizen. Ze wilden en zouden den Pastor vinden, of zouden de Pastorie in brande zetten. Zoo bedreigden ze gramrnoedig, terwijl ten allen zijde der dorpplaats gewapende soldaten scherp de wacht hielden. Tôt twee maal toe stormden de duitschers het werkmanshuizeken binnen, op zoek daar beneden, onder den armtierigen zolder, waar de priester te bidden zat, geknield bij be sponde van een beddeken der kinders. Voorwaar, de geheugenis van dien droeven en eeuwenlange nacht van grievend herteleed en doodelijken angst, zal hem onvergeetbaar bijblij-ven. De zwarte nacht seheen hem een lijksluier over zijne pastorie te span-nen. Hij hoorde er de wilde zangen dier hellegebroedsels, en de breek-hamers dier wandalen om het uurwerk ten kerke stuk te slaan. Hij zag er, door eene ruit die hij in het strooien dakvenster maakte, hoe zijne scholen verwoest wierden onder stam-pende peerden, en hoe zijne Pastorie als een lusteirk verlicht was daar de plunderaars lamdronke rondhuilden als verwilderde cirkboeven. Bezette Gemeente Gelukkiglijk, bij het eerste priemen van het daglicht, knetterden duitsche klaroenen den optocht naar het Fran-kenland hunner keizerlijke belofte. De stoet wierd bevolen, en trok op naar Belle.. Rond 4 ure van den namiddag waren ze weg. De dorplieden ademden vrij en de Pastor mocht zijn heilarke verlaten, om ter kerke, eene misse van trillen-den dank te zingen, Vlaanderen ten besten en God ter eere. Dickebusch was dus eene bezette gemeente der duitschers. Om zulks ons indachtig te maken hadden ze hun beiorsch vaandel op onze gaaispronge doen wapperen Ter geheugenis van eersten doorgang eischten ze, als hebzuchtige dieven, haver voor de peerden, aardappelen bij duizenden kilos, 500 brooden en 5000 franken. Om ze weg te krijgen op dien prijs, zoo stemde de gemeente toe, gaf vol-doening aan de bandieten, met losge-wrongen penningen die ze ons ten schulde staan. Daar is het eerste tooneel van het langdurig treurspel dat zijne bedrijven, met 't bloed onzer medeburgers bezoedeld, rond Dickebusch ging ontrollen. Tica. Ministerrie van Nationale Herinrichting —: —*4 De diensten van het Nieuwe Ministerie van Nationale Herinrichting zijn nu samengesteld. M. Dejace, Algemeen Bestuurder van het Hooger Onder-wijs aan het Ministerie van Weten-schapen en Kunsten is Algemeen Sekre-taris van het Département benoemd, alsook tôt Algemeen Sekretaris van de Oorlogskomiteiten. In deze laatsts hoodanigheid is hij op de zittingen der , Oorlogskomiteiten tegenwoordig. M. Grégo'r, een der meest bekende handelaars van Antwerpen, is benoemd tôt Directeur'van den Bevoorradings-dienst (voor bezet België). Het nieuw Ministerie heeft immers op zich genomen de onderhandelingen nopens België 's bevoorrading te leiden. Aan het Sekretariaat der Oorlogskomiteiten zijn benoemd, voor Let le IComiteit : M. De Visscher, hooglee-raar te Gent ; voor het 2e Komiteit, M. Corbiau, hoogleeraar te Leuven ; voor het 3e Komiteit, M. Dttpriez, hoogleeraar te Leuven. M. Galopin, bestuurder van het Nationaal Wapenfa-brielc, te Herstal,is als technisch raads- y : heer toegevoegd voor de ekonomische zaken . De Heer Dejace zal als medewerkers hebben voor het Sekretariaat van het Département zelve M. Delannoy, broe-der van den bibliothekaris der Leu-vensche Hoogeschool, en M. Briant, yoo'r de administratieve diensten. Het Kabinet van den Minister blijft :>nder de leiding vanM.L. van der Essen. jraaf L,. de I»ichtervelde, M. de Barsy, M. Paul Veldekens, alreeds aan het Kabinet gehecht, zullen onderscheide-Lijk ouk deel uitmaken van het Sekretariaat der Oorlogskomiteiten. M. Bourquin, van het Solvay Ins-tituut, en M. L. de Brouckère, alhoe-wel gehecht blijvende aan het Ministerie van Minister Hymans en van Minister Vandervelde, zullen ook hunne medewerking voor zekere vraagstukken verleenen. Minister de Broqueville zal zoo dikwijls mogelijk beroep doen op bevoegde personen, buiten het Département staande om bijzondere of belangrijke vraagstukken te helpen oplossen. UIT ONS VADERLAND Algemeene Berichten het schrikbewind in belgie. — LangS de vesten van Brugge zict men, op geregelde tijdstippen, zwart gesluierde vrouwen henen (en weer wandelen. Die vrouwen bidden hun rozenhoedje voor degenen die sterven gaan. In de kazerne immers zitten er gedurig jongelingen naar de doodstraf te wachten. Somtijds hoort men een salvovuur weerklinken . Enkele oogen-blikken nadien komt een groote wagen vol doodkisten uit de kazerne gerold, recht naar het kerkhof toe. Nieuwe martelaars zijn om hunne vaderlands-liefde gevallen . Op Kerstdag gebeurden een aantal dergelijke terechtstellingen te Gent. Te Antwerpen werden op denzelfden Hoogdag drie jongelingen ter dood veroordeeld. De duitschers lieten ze twee weken lang in het gevang ; elken morgen kwam de bewaker door het venster spottend aanstaren en hun toeroepen « Moed, Belg, 't is voor van-daag nog nie't ». meer en meer.— (Eigen bericht). — Volgend bericht komt ons uit België toe ; we geven het oorspronkelijk weer : inbeslagneming van olm, esch en popu-lier stammen (voor het gansche gebied van het generaal gouvernement). — Ik bepaal hierbij, dat al de staande olmen, esschen en populieren, die op 1.50 meter van den grond gemeten. Imeter of meer omtrek hebben, te iekenen van den dag der bekendma-king dezer verordening in beslag genomen zijn. Onder populieren zijn al de popu-lierensoorten, zooals de kanadasche populier, de witte populier, de abeel enz te verstaan. Wie na den dag der bekendmaking dezer verordening olmen, esschen en populieren velt, verwerkt, zonder daartoe de schriftelijke en afgestem-pelde toelating te hebben van den Stabsofficier der Pioniere n' 164 Brus-sel, wordt gestraft met ten hoogste 10.000 mark boete en met ten hoogste 3 jaar gevangenis of met een dezer straffen. De krijgsrechtbanken, krijgs-bevelhebbers en de krijsoverheden, die met de noodige macht werden bekleedt zijn tôt oordeelvellen bevoegd. Ik bepaal, dat vorenstaande verordening in de verschillende Jgemeenten bij aanplakbrief ter algemeene kennis is te brengen. De Holzabgabestelle te Antwerpen zal dan een keuze doen onder de in beslag genomen boomen en verdere aanwijzingen uitvaardigen over het vellen en het vervoeren . De bestaande bepalingen op het vellen en vervoeren van populieren en olmen door de onderscheiden Gouver-nementen, alsook van esschen door de boschbeheeren, worden door deze verordening in geenen deele gewijzigd. Der Generaal gouvernenr in Belgiën, Freiherr von Falkenhausen, Gerçeraloberst WEST-VLAANDEREN Adressen van uitwijkelingen. — Eigen bericht. — Weduwe Stragier verblijft bij We Willekens statiestraat n* 7 te Baelen-Nethe. Ryckes van Cortemarck, Victor Mommerency vrouw en kinderen verblijft te Tessenderloo (Limburg).

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dit item is een uitgave in de reeks Ons Vlaanderen behorende tot de categorie Katholieke pers. Uitgegeven in Parijs van 1915 tot 1919.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Toevoegen aan collectie